Hoe win je van Federer? Met eigen wapens knallen

Steeds meer topspelers zijn in staat met eigen middelen Roger Federer te verslaan. Gisteren werd de oude meester verslagen door de Franse hardhitter Tsonga.

Het rijtje tennissers dat een antwoord heeft op Roger Federer wordt steeds groter. De linkshandige Rafael Nadal was de eerste die met zijn machtige topspinforehand op de backhand van de Zwitser de juiste remedie vond. Novak Djokovic en Andy Murray wisten de Zwitser negen en acht keer te verslaan, maar nooit op Wimbledon. Dat deed Jo-Wilfried Tsonga, na Tomas Berdych vorig jaar, gisteren wel. De 26-jarige Fransman was een klasse beter.

De centrale vraag op Wimbledon was altijd: hoe versla je Federer? Marat Safin, David Nalbandian, Guillermo Cañas en Richard Gasquet wisten hem met hun sterke backhands op hardcourtbanen op de knieën te dwingen. Die nederlagen waren uitzonderingen in een tijd waarin Federer heerste. Van 2003 tot 2008 stond een loting tegen hem vrijwel gelijk aan uitschakeling.

De Japanner Takao Suzuki waagde op de Australian Open van 2005 een memorabele poging door op vrijwel elk punt naar voren te sprinten. Federer veegde zijn tegenstander van de baan. De Amerikaan Andy Roddick wilde hem met zijn machtige opslagen slopen, maar bij grote toernooien slaagde zijn opzet nooit. De Fransman Fabrice Santoro wist aan het begin van zijn loopbaan de jonge Federer met zijn dubbelhandige fore- en backhand te verslaan. Maar in de vier grandslampartijen won Santoro geen enkele set.

Het leek er simpelweg jaren op dat de ultieme tactiek om Federer te verslaan niet bestond. Tennissers die dachten meer winners te kunnen slaan dan de grote meester, kwamen bedrogen uit. Alsof iemand er in het verleden in slaagde hoger te springen dan basketballer Michael Jordan, harder te rijden dan autocoureur Michael Schumacher of met meer gevoel te kunnen slaan dan golfer Tiger Woods. De koele Federer uit de tent lokken door emoties te tonen? Net zo vaak in dezelfde hoek slaan totdat hij uit verveling fouten zou gaan maken? Het hielp allemaal niets. Federer was ongenaakbaar. Hij won zestien grandslamtoernooien en werd al tijdens zijn loopbaan uitgeroepen tot de beste tennisser aller tijden.

Toch creëerde Federer met Nadal uiteindelijk zijn eigen monster. De fysiek sterke Spanjaard veroverde eerst op gravel en hardcourt terrein op Federer. Nadal vervolmaakte zijn spel en kon tot verrassing van velen ook op gras uit de voeten. Toch leek Federer op de All England Club tegen zijn Spaanse rivaal de sleutel in handen te hebben. In de finales van 2006 en 2007 bood Nadal meer dan behoorlijk tegenstand, maar nog niet voldoende om de beker te winnen. In 2008 volgde de ommekeer. Nadal vernederde Federer eerst op Roland Garros (6-1, 6-3 en 6-0) om hem vervolgens in een legendarische vijfsetter (6-4, 6-4, 6-7, 6-7 en 9-7) op Wimbledon te onttronen.

Sindsdien verloor Nadal nooit meer een partij op het Londense grandslamtoernooi. Federer wist zijn favoriete toernooi in 2009 voor de zesde en voorlopig laatste keer te winnen. Nadal was door een blessure toen afwezig. Op de US Open van twee jaar geleden verloor Federer in de finale van Juan Martin Del Potro. Het Argentijnse talent wist met zijn harde opslagen en knallende groundstrokes Federer te overklassen. Maar Del Potro kreeg met zoveel fysieke en mentale problemen te maken dat hij de voorbije anderhalf jaar geen gevaar vormde.

Federer sloeg op de Australian Open van 2010 nog één keer toe en schreef een zestiende grandslamtitel op zijn naam. Hij snoerde de critici de mond. Maar de afgelopen anderhalf jaar brokkelde zijn status langzaam af. Nadal en Djokovic gingen hem voorbij op de wereldranglijst en zij staan nu wel in de halve finale van Wimbledon. Net als Tsonga, die geen speciale tactiek nodig had maar simpelweg in alles beter was.

De bijna dertigjarige Federer had vrede met de nederlaag omdat hij „zeer goed had gespeeld”, vertelde hij na afloop op de persconferentie. „Er zijn hier 127 verliezers en slechts één winnaar.” De tijd dat de titel op voorhand naar Federer ging, is voorbij. De meester weet het zelf.