Donner: boerka past niet bij ons

De boerka wordt niet verboden wegens de veiligheid op straat, maar om het „karakter van de Nederlandse samenleving te beschermen”. Dat heeft minister Piet Hein Donner (Integratie, CDA) gisteren gezegd, tijdens een Kamerdebat over integratiebeleid. Tot nu toe werd altijd als belangrijkste reden voor een boerkaverbod aangevoerd dat boerkadragers een gevoel van onveiligheid op straat zouden veroorzaken.

Maar Donner wil niet om die reden een verbod voor het gewaad dat het hele lichaam, ook het gezicht, bedekt. Soms moet de overheid volgens de minister zeggen: „Dat doen we hier gewoon niet, zo gaan we niet met elkaar om.” De boerka „brengt waarden tot uitdrukking over de positie van vrouwen en de onwil om met de samenleving te communiceren”, die volgens Donner ongewenst zijn. Naar schatting dragen 150 orthodoxe moslima’s in Nederland een boerka.

D66-Kamerlid Gerard Schouw bekritiseerde het voorstel, dat hij onliberaal noemde. „Het is duidelijk een cadeautje voor de PVV.” De D66’er betwijfelt ook of de maatregel wel proportioneel is: „U beperkt de godsdienstvrijheid. Terwijl er minder dan tweehonderd mensen met een boerka rondlopen.” Donner erkende dat het niet om een „kwantitatief probleem” gaat. „Het boerkaverbod is normatief bedoeld.”

VVD-Kamerlid Cora van Nieuwenhuizen vindt het verbod liberaal. „De VVD is voor maximale vrijheid. Maar niet als je de vrijheid van anderen aantast. Het tast mijn vrijheid aan als ik niet normaal met iemand kan communiceren door een boerka.”

De Kamer besprak gisteren de integratieplannen van het kabinet. Het kabinet wil dat migranten zelf hun inburgeringscursus betalen. Wie zijn examen niet haalt, kan zijn verblijfsvergunning kwijtraken. Subsidies voor specifieke migrantengroepen worden afgeschaft.