Bank of America schikt met ING

Bank of America heeft voor 8,5 miljard dollar een akkoord bereikt met 22 financiële instellingen rond de omvangrijke portefeuille met rommelhypotheken van dochterbedrijf Countrywide. Tot de partijen waarmee de bank heeft geschikt behoren de Nederlandse concerns ING en Aegon.

In ruil voor de 8,5 miljard dollar (5,9 miljard euro) laten de gedupeerde partijen hun eis varen om de bij Countrywide betrokken hypotheekobligaties door Bank of America terug te laten kopen.

Aanvullend op deze schikking reserveert de Amerikaanse bank nog eens 5,5 miljard dollar voor een schikking met een aantal overheidsbedrijven die obligaties van Countrywide hadden gekocht. Daarnaast zal Bank of America nog eens 6,4 miljard dollar kwijt zijn aan juridische kosten en andere hypotheekgerelateerde afschrijvingen.

Countrywide was ooit de grootste hypotheekbank van de Verenigde Staten. Ze kwam tijdens de kredietcrisis van 2008 in grote problemen omdat Amerikaanse huizenkopers massaal niet langer aan hun hypotheekverplichtingen konden voldoen. Via ingewikkelde derivaten had Countrywide voor in totaal 424 miljard dollar aan hypotheekschulden doorverkocht aan institutionele beleggers. ING had ongeveer 2 procent daarvan in handen.

Volgens een woordvoerder van ING is het niet zo dat de bank ook 2 procent van de opbrengst van de schikking krijgt. „De berekening daarvan ligt ingewikkelder. De schikking zal in elk geval geen materieel effect op onze resultaten hebben.” Aegon laat weten, het bereikte akkoord „een positieve ontwikkeling” te vinden, maar zegt nog niet te kunnen aangeven wat de financiële consequenties ervan zijn.

Bank of America verwacht door de schikking een kwartaalverlies te boeken van rond de 9 miljard dollar. Beleggers reageerden niettemin positief op het nieuws omdat onzekere en kostbare juridische procedures nu zijn afgewend. De koers van Bank of America steeg gisteren met 0,8 procent.