'Steun aan handelspartner is eigenbelang'

Bernard Wientjes maakt zich zorgen over de situatie in Griekenland, een belangrijke handelspartner. Maar ook over de houding van het kabinet-Rutte.

De reden om Griekenland financieel te blijven steunen? Puur, hard eigenbelang. Bernard Wientjes van werkgeversorganisatie VNO-NCW draait er niet omheen. „Wat we naar Griekenland exporteren, is bijna evenveel als naar Japan. Als zij weer overstappen op de drachme is die hele markt weg.”

Gedoogpartner PVV wil graag dat Griekenland op de drachme overstapt. Ruim 70 procent van de Nederlanders zou tegen verdere steun zijn.

„Onbegrijpelijk. Eerder deze maand sloot Rusland de grenzen voor onze komkommers en tomaten. Dat had direct grote gevolgen in het Westland. Als Griekenland omvalt, zijn de gevolgen natuurlijk vele malen groter. We exporteren bijna evenveel naar dat land als naar Japan. Laat staan dat – de verwevenheid is zo groot – daarna Ierland en Portugal in problemen komen. Dan heb je het over een export van ruim 8 miljard euro. Dan komen er duizenden banen, honderden bedrijven in problemen. Ik ben er trouwens tegen om schulden kwijt te schelden. Maar je moet de leningen wel verlengen. Tegen een normale rente.”

Die urgentie om het eurogebied te verdedigen zie je amper terug in het kabinet. Daar heerst op zijn zachtst gezegd een euro-sceptische houding.

„Ik vind het zorgelijk dat het kabinet niet van Europa houdt. Veel te veel worden de nadelen van Europa benadrukt. Zorgelijk vind ik ook onze positie in Brussel. Vroeger hadden we veel invloed, maar als je als enig land zegt dat de Europese begroting helemaal niet mag groeien, dan wordt die invloed snel minder. Als VNO-NCW steunen we het economische beleid van dit kabinet, maar we hebben echt problemen met de anti-Europese teneur van de laatste tijd. Minister De Jager (Financiën, red.) vecht gelukkig nog hard voor de euro, maar we staan in Brussel vaak aan de zijlijn. Op dit punt ben ik het echt oneens met dit kabinet.”

Het lukt in eigen land blijkbaar niet om de voordelen van Europa en de euro over het voetlicht te brengen.

„Er zijn zelfs mensen die roepen dat we terug naar de gulden moeten. Nog idioter. Als we tijdens de bankencrisis de gulden hadden gehad, hadden we nu met onze grote banken op het niveau van IJsland gezeten. De Europese Unie is het grootste handelsblok van de wereld; tachtig procent van onze export komt daar terecht. Dat mag niet verloren gaan. Ik neem het woord politieke unie nooit in mijn mond, want dat is levensgevaarlijk tegenwoordig, maar wij vinden dat je moet kunnen ingrijpen in het economisch beleid van een land. Het is ondenkbaar dat het bijna failliete Californië uit de dollar stapt, dat zou ook voor Europese landen moeten gelden. Maar goed, partijen als SP en PVV willen terug naar de jaren vijftig. De angst voor het vreemde is groot.”

Ooit sprak u uw angst uit voor de PVV als regeringspartij. Dat zou slecht zijn voor het imago in het buitenland. De partij gedoogt dit kabinet en zei gisteren opnieuw dat Griekenland geen geld mag kosten. Komt uw angst uit?

„Er is geen gesprek in het buitenland dat ik voer waarin niet het populisme in de Nederlandse politiek aan de orde komt. Ik kan altijd goed uitleggen dat er een minderheidsregering is met twee volledig democratisch, grondwettelijke partijen daarin. Maar altijd komt die vraag: zo’n fantastisch land en hoe kan het nou dat…? Maar vergeet niet: in heel veel landen is populisme in opkomst. Daar wijs ik dan ook op.”

De Jager wil dat ook de particuliere sector een rol blijft spelen in de Griekse schuldencrisis. Dat niet alleen de overheden de rekening betalen. Steunt VNO-NCW dat streven?

„Nou, laat ik zeggen dat we in zeer nauw contact staan met het kabinet. Ik ben blij dat er wordt getracht om de banken er vrijwillig bij te houden. Ik vind ook dat de banken die Griekse schulden hebben, erin moeten blijven zitten. Zeker gezien onze handelsbelangen. Banken in Frankrijk en Duitsland zitten er veel zwaarder in. Onze situatie is relatief eenvoudig.”