PSV geeft miljoenen uit op dag van de redding

Eindhovense politici snappen de commotie over de transfers van PSV op de dag van de redding, maar zeggen geen invloed te hebben op de bedrijfsvoering van de club.

PSV heeft op de dag dat de gemeenteraad van Eindhoven besloot 48,4 miljoen euro in de noodlijdende voetbalclub te steken, ook twee nieuwe voetballers gekocht. Middenvelder Kevin Strootman en buitenspeler Dries Mertens komen voor zo’n 14 miljoen euro over van FC Utrecht.

Meteen na de raadsvergadering zei Marcel Brands, technisch directeur van PSV, tegen zo’n 300 voetbalsupporters die de stemming op het plein voor het stadhuis hadden gevolgd, dat de deal met FC Utrecht rond was. De euforie bij de fans bereikte daarmee een hoogtepunt.

Een woordvoerder van PSV benadrukt dat de aankoop van Strootman en Mertens is gefinancierd met geld dat is vrijgekomen bij de transfer van Balázs Dzsudzsák. De aanvaller werd eerder deze maand voor zo’n 14 miljoen euro aan het Russische Anzji Machatsjkala verkocht. „Met het vertrek van enkele spelers met hoge salarissen en het instemmen van de raad konden we opnieuw in spelersgroep investeren. Wij kopen niet met geld van de gemeente.” Zonder de gemeentesteun, waarmee de financiële positie van PSV aanzienlijk verbetert, waren de transfers echter niet mogelijk geweest.

Wethouder Staf Depla (PvdA) stelt dat hij de commotie begrijpt, maar dat de gemeente bewust heeft gekozen zich niet met de bedrijfsvoering van de club te bemoeien. „PSV moet zich aan de financiële afspraken van het reddingsplan houden en gaat zelf over eventuele aankopen.”

Ook Maarten Houben, voorzitter van de Eindhovense CDA-fractie, hoorde in zijn omgeving verbaasde geluiden over de aankopen van PSV. „Het is misschien niet zo handig van PSV het nieuws in deze volgorde naar buiten te brengen. Maar deze transacties gaan buiten de gemeentelijke steun om.”

PSV verkeert al een aantal jaren in financiële problemen en zou zonder hulp van de gemeente afstevenen op een faillissement. De club is in de problemen gekomen doordat de begroting jarenlang was gebaseerd op inkomsten uit de Champions League, maar liep het lucratieve toernooi steeds mis. Ook leed PSV grote verliezen op de transfermarkt.

Het Eindhovense college vindt dat het maatschappelijk belang van PSV voor de stad te groot is om de club ten onder te laten gaan, en stelde met de club een reddingsplan op. De gemeenteraad stemde daar gisteren in grote meerderheid mee in. De redding van PSV is een van de grootste financiële injecties ooit van een gemeente in een profclub en is niet onomstreden. Zelfs de coalitiepartijen waren verdeeld: GroenLinks stemde tegen, net als twee fractieleden van de PvdA en één van de VVD. De vierde coalitiepartij, D66, stemde voor, net als de grootste oppositiepartij CDA.

De gemeente Eindhoven koopt nu de grond onder het stadion en trainingscomplex De Herdgang voor 48,4 miljoen euro. Eindhoven leent het gehele bedrag aflossingsvrij bij de Deutsche Bank en vraagt aan PSV een jaarlijkse erfpacht van ongeveer 2,4 miljoen euro, waarmee de rente op de lening betaald wordt.

Het college verdedigde het reddingsplan de afgelopen weken door te stellen dat er geen geld van de gemeentelijke begroting naar PSV gaat; er wordt een lening afgesloten die PSV via de erfpacht aflost. Ook heeft de gemeente garanties ingebouwd: het geld uit de verkoop van seizoenskaarten gaat eerst naar de gemeente, PSV moet de jaarrekening overleggen en de club moet zich inzetten voor maatschappelijke projecten.

Nu PSV zich heeft verzekerd van de gemeentelijke steun, springen ook sponsoren bij. Chipmachinefabrikant ASML en de VDL Groep van de Brabantse industrieel Wim van der Leegte hebben PSV beide een achtergestelde, renteloze lening van 5 miljoen euro toegezegd. Hoofdsponsor Philips leent de club 20 miljoen euro. Het volgende doelwit van PSV op de transfermarkt is ook al bekend: middenvelder Georginio Wijnaldum van Feyenoord.