Loepzuivere amateurs

Zingen is een Nederlandse hobby. 600.000 amateurs zingen in 20.000 amateurkoren, in repertoire variërend van zeemansliederen tot Bach. Je zou verwachten dat ze graag naar de Koorbiënnale in Haarlem zouden komen, waar deze week een aantal Europese topkoren te bewonderen is. Maar nee. „Het blijft lastig amateurs aan het festival te binden, zij zingen liever zelf dan dat ze komen luisteren”, aldus artistiek leider Neil Wallace. Dus biedt de Koorbiënnale ook een podium voor amateurzangers.

Het festival ging ook een ambitieuzere uitdaging aan. Altijd al willen meezingen in het veertigstemmig motet Spem in alium van Thomas Tallis, samen met het wereldberoemde The Sixteen? Liefst honderd gevorderde liefhebbers grepen die kans, al bleef er een tekort aan tenoren. In drie repetities werd het Festivalkoor ingezeept door Eamonn Dougan, assistent van Sixteen-oprichter Harry Christophers.

Een win-winsituatie, bleek in de stampvolle St. Bavokerk zaterdagavond: amateurs genieten professionele begeleiding en nemen vervolgens hun aanhang mee. Natuurlijk is het intimiderend om eerst anderhalf uur naar The Sixteen zelf te luisteren. Rein, vloeiend en vlammend klonk muziek van Tallis en MacMillan, loepzuivere hoge C’s galmden tijdens het Miserere van Allegri door de kerk. Maar rafeltjes van minder getrainde stemmen deden geen afbreuk aan het afsluitende Spem in alium. Massale klankwolken kwamen onder Christophers overtuigend in beweging, culminerend in een stralend slotakkoord en daverend applaus. Mooi dat dit initiatief een centrale plaats kreeg in de programmering.

Floris Don