Eerst kijken ze naar je handen, dan naar je ogen

Wat zou er gebeuren als twee mannen hand in hand door Amsterdam lopen? Zouden ze worden uitgescholden, geslagen of bespuwd om hun geaardheid? Dat was de vraag tijdens een vergadering op de redactie van nrc.next. Twee NRC-collega’s, de één homoman, de ander heteroman, besloten hand in hand de proef op de som te nemen.

Pas je wel op, zegt mijn vriendin voordat ik vertrek. Mijn moeder vraagt zich af of er beveiliging meegaat. Een sms, ’s avonds laat. ‘Heb je al je tanden nog?’

Ik had verteld dat ik samen met een mannelijke, homoseksuele collega hand in hand een wandeling door Amsterdam ga maken. We willen zelf merken hoe het voelt gediscrimineerd te worden.

Ik loop vaker hand in hand met mijn vriendin. Zoenen op straat vind ik ongepast. Dus sla ik vaak een arm om mijn vriendin heen op straat, of pak ik haar hand vast. Met een man is het anders, realiseer ik me terwijl ik de hand van mijn collega bij het Amstelstation vastpak. Het voelt direct ongemakkelijk. Ik ben zenuwachtig, angstig.

De wandelroute wordt een confrontatie met mezelf en mijn eigen vooroordelen. Zodra een groep luidruchtige Nederlands-Marokkaanse jongeren dichterbij komt, word ik zenuwachtiger. De Diamantbuurt durven we maar kort in te gaan.

Zowel de plat Amsterdams pratende marktkooplui op de Albert Cuyp als de zwijgende voorbijgangers in de Diamantbuurt negeren ons. Nou ja, een oudere vrouw met hoofddoek staart ons vanuit een Audi kort aan.

Overal op straat gebeurt er wel zoiets, iets dat me hand in hand met mijn vriendin nooit overkomt. De ogen van passanten volgen een vast patroon: eerst gaan ze naar onze handen. Dan verschuift de blik naar onze ogen, langer dan normaal op straat. En dan, als we terugkijken, schieten ogen snel weg. Nooit is de blik vriendelijk, maar altijd observerend. Soms duidelijk afkerend.

Hoe kijk ik zelf eigenlijk naar twee mannen die hand in hand op straat lopen? Even kort, misschien. Omdat twee mannen hand in hand op straat toch iets bijzonders zijn. Misschien zie je het daarom zo weinig.

We worden tijdens onze wandeling niet uitgescholden, maar we lopen wel te kijk. En dat is eigenlijk al erg genoeg.