Een nieuw gezicht, dit keer van een jongen

Het probleem van verwesterde kinderen die het land uitmoeten, heeft een nieuw gezicht. Dit keer is het een jongensgezicht: dat van de 18-jarige Mauro Wilson Manuel uit Oostrum, Limburg. Daar woont hij al acht jaar, met zijn pleegouders en pleegbroertje.

Mauro moet terug naar Angola. Om zijn uitzetting te voorkomen, voerden vrienden, familie en klasgenoten gistermiddag actie op het Plein in Den Haag, voor het gebouw van de Tweede Kamer. Met spandoeken, T-shirts – ‘Laat Mauro blijven’ – en een voetbalwedstrijd tegen Tweede Kamerleden.

Mauro was 9 toen zijn Angolese moeder hem op het vliegtuig naar Portugal zette. Hij had geen idee wat hem te wachten stond. Een man bracht hem daarna naar Nederland. Mauro woonde even bij zijn halfzus in Rotterdam. Hij vroeg asiel aan.

Op zijn tiende kwam hij bij zijn pleegouders, Hans Mandigers en Anita Marijanovic in Oostrum. Het kostte moeite om zich thuis te voelen, hij was in de steek gelaten door zijn ouders. Maar hij hechtte zich steeds meer aan zijn pleegouders en zijn nieuwe leven. Hij leerde Nederlands (met Limburgs accent), ging naar de basisschool in Venray, naar het vmbo. Nu volgt hij de mbo-opleiding ICT.

Zijn asielverzoek werd afgewezen in 2007. In oktober 2010 besliste de rechtbank in Den Haag dat hij toch mocht blijven. De IND ging namens minister Leers (Integratie, CDA) in beroep bij de Raad van State. Deze maand besliste de Raad dat Mauro alsnog weg moet. Mauro schreef een brief naar Leers: of hij een uitzondering wil maken op de regels.