De vrouwenman

Prince schreef liedjes over geld, macht en oorlog, maar zijn favoriete onderwerp is al vierendertig jaar, op vijfendertig cd’s, in honderden liedjes: de verhouding tussen de seksen. Het was met het nummer ‘When Doves Cry’ dat hij in 1984 wereldwijd doorbrak en meteen zijn tekstuele visitekaartje afgaf. De manier waarop hij in dit liedje zijn eigen seksuele behoefte in een pseudo-Freudiaanse context presenteerde (‘Maybe I’m just like my father 2 bold / Maybe you’re just like my mother / She’s never satisfied’), bleek de blauwdruk van wat hij later – Freudiaans of niet –, nog vaker zou exploreren.

Inmiddels heeft Prince Rogers Nelson een naam hoog te houden, als het gaat om creatieve beschrijvingen van erotische verlangens. De perzik, de kers, slagroom, karamel, de chocoladedoos, de snoepwinkel – ze figureren alle als symbool voor zoete genoegens. Uit zijn teksten blijkt: Prince is geen luie minnaar. Hij is ‘Columbus op zoek naar onontgonnen gebieden’, kan het overal: op de stoel, de tafel, ‘even on a limousine floor’. Hij is onvermoeibaar: ‘We doen het tot je tattoos er duizelig van worden’. Hij is gewiekst: ‘Tonight we video/ No one will ever know/ We’ll erase the naughty bits’.

Hij is ruimdenkend: ‘Baby I don’t care what you learned in lovemaking school/ U and me we ’bout 2 jam/ Make love like the first woman and man’. En, ten slotte, spiritueel: ‘Can U get me excited? / Excited enough 2 thank the God above 4 the human body’.

Prince had verhoudingen met beroemdheden als Kim Basinger, Sheila E, Vanity 6, Mayte Garcia, Susanna Hoffs (zangeres van The Bangles), Madonna, Carmen Electra, en actrice Sherilyn Fenn, en inmiddels met zangeres Bria Valente. Maar hoe intens ook, geen vrouw haalt het bij datgene waar Prince werkelijk bezeten van is. Hij bekent het op Planet Earth, met een gepijnigde oerkreet, in de onovertroffen ode aan zijn instrument: ‘I love U baby…/ But not like I love my guitar’.