'NAVO houdt vol tot missie klaar is'

De NAVO zal in Libië geen grondtroepen inzetten, verzekert NAVO-chef Rasmussen. Een gesprek over de toekomst van de alliantie, Libië en Afghanistan.

Met een blik op haar telefoon onderbreekt de woordvoerder van Anders Fogh Rasmussen het interview van de secretaris-generaal van de NAVO met deze krant. „Zojuist heeft het Internationale Strafhof”, leest ze voor, „arrestatiebevelen uitgevaardigd tegen Gaddafi, zijn zoon en de chef van zijn veiligheidsdienst, voor misdaden tegen de menselijkheid begaan in de eerste twaalf dagen van de Libische opstand.”

Rasmussen luistert aandachtig, zijn gezicht verraadt geen emotie. Al ruim honderd dagen voert de NAVO bombardementen uit op doelen in Libië, maar het regime van kolonel Gaddafi geeft nog geen tekenen daaronder te bezwijken.

„Dit benadrukt nog maar eens dat Gaddafi zijn macht moet opgeven”, zegt Rasmussen. „Hij staat nu onder de concrete verdenking verantwoordelijk te zijn voor misdaden tegen de menselijkheid. Het is ondenkbaar dat hij deel van de oplossing kan zijn voor de toekomst van Libië.”

Terwijl de NAVO behalve in Afghanistan nu ook in Libië een oorlog voert, zwelt de kritiek op het bondgenootschap aan. De Amerikaanse minister van Defensie Gates smaalde eerder deze maand dat het machtigste militaire bondgenootschap in de geschiedenis nog maar elf weken bezig was met een operatie tegen een slecht bewapend regime, of veel bondgenoten begonnen al door hun munitie heen te raken. De NAVO zou een sombere toekomst te wachten staan als de Europese landen niet méér bijdragen aan het bondgenootschap.

Twee weken voor zijn eerste officiële bezoek aan Nederland spreekt Rasmussen in zijn ambtswoning in Brussel over de verdeeldheid in de NAVO, de rol van Nederland, het eind van de operatie in Afghanistan en de oorlog in Libië.

Probeert de NAVO het bewind van Gaddafi ten val te brengen?

„Er is een militair en een politiek spoor. De NAVO is verantwoordelijk voor het militaire spoor. Onze operatie is gericht op de bescherming van burgers, in overeenstemming met het mandaat van de Verenigde Naties. We hebben drie duidelijke militaire doelen: dat de aanvallen op burgers stoppen, dat de troepen van Gaddafi zich op hun bases terugtrekken, en dat er ongehinderde toegang komt voor humanitaire hulp.

„Daarnaast is er het politieke spoor en ik twijfel er niet aan waar dat uitkomt: Gaddafi moet weg. Dat is geen onderdeel van onze militaire operatie. Maar omdat moeilijk voorstelbaar is dat de aanvallen op burgers zullen stoppen zolang Gaddafi aan de macht is, hebben de ministers van Buitenlandse Zaken van de NAVO-landen hun steun uitgesproken voor de roep om zijn aftreden.”

Bombardeert de NAVO het terrein waar hij woont niet om hem te raken?

„Nee, we mikken op legitieme militaire doelwitten, commandocentra en communicatieknooppunten, omdat die gebruikt kunnen worden om aanvallen op burgers te organiseren.”

Zal de NAVO zonodig grondtroepen inzetten?

„Nee, dat gaan we niet doen. We gaan ervan uit dat de VN zich na de val van Gaddafi over de situatie ontfermen, om de Libiërs te helpen van hun land een democratie te maken. Daar zal de NAVO geen leidende rol bij spelen, al zullen we onder bepaalde omstandigheden wel de helpende hand bieden.”

Begin maart zei u ook tegen deze krant dat de NAVO niet van plan was een vliegverbod in te stellen – en drie weken later was het tóch zo ver.

„Maar in de tussentijd had de VN-Veiligheidsraad een resolutie aangenomen waarin verzocht werd burgers te beschermen, en er was ook steun voor de operatie uit de regio. Het is belangrijk rekening te houden met de gevoeligheden in de regio.”

Is de toekomst van de NAVO zo somber als minister Gates schetste?

„Nee, neeneeneenee. De kern van zijn betoog was dat die ontwikkeling, waarbij Europa en Amerika uit elkaar groeien, niet onvermijdelijk is. Hij is erg pro-Atlantisch. Maar ik deel zijn zorg. Twintig jaar geleden waren de Europeanen nog goed voor eenderde van de uitgaven aan defensie binnen de NAVO, nu is dat nog maar 20 procent. De Amerikaanse belastingbetaler vraagt terecht: waarom moeten wij altijd het leeuwendeel voor onze rekening nemen? De trans-Atlantische relatie is geen vanzelfsprekendheid meer, we moeten erin investeren. Anders zal Amerika zijn aandacht verleggen naar opkomende machten als China en India, en zal de betekenis van Europa in de wereld afnemen.

„Maar ik ben heel optimistisch over de toekomst van de NAVO. De operatie in Libië laat zien dat de Europeanen de leiding kunnen nemen. Het toont de kracht van het bondgenootschap dat het niet meer noodzakelijk is dat de Amerikanen de leiding nemen, dat de Europeanen en Canada het samen ook kunnen.”

Is dat een model voor de toekomst?

„Ik denk het wel.”

Klopte Gates’ verhaal dat de Europeanen door hun munitie heen raakten?

„Nee. We zetten onze Libië-operatie in hoog tempo voort. We hebben meer dan 12.000 vluchten uitgevoerd, waarvan 5.000 aanvalsvluchten. Ik kan u verzekeren dat we alles in huis hebben om de operatie in Libië voort te zetten tot onze missie voltooid is.”

U bent al bijna twee jaar in functie. Waarom komt uw eerste bezoek aan Nederland nu pas?

„Puur een agendakwestie. Nederland had het druk met zijn politieke situatie, de NAVO met haar operaties. Dat Nederland na veel discussie heeft besloten betrokken te blijven in Afghanistan waardeer ik bijzonder. Training van Afghaanse politie is een essentieel onderdeel van onze strategie.”

Is Nederland een lastige bondgenoot, die u nu weer moet aansporen om mee te doen in Libië?

„Die boodschap breng ik over aan álle lidstaten. Landen weten wat ze kunnen verwachten als de secretaris-generaal van de NAVO op bezoek komt. Een gratis lunch bestaat niet, hahaha.”

Zien we nu het begin van het eind van de NAVO-operatie in Afghanistan?

„Ja, zoals we in november op de NAVO-top in Lissabon al hebben besloten. De overdracht van verantwoordelijkheden aan de Afghanen begint volgende maand en moet eind 2014 klaar zijn.”

De NAVO was zo trots dat er nu zoveel meisjes naar school kunnen gaan. Wat gebeurt er straks met hen?

„We gaan ervan uit dat elke Afghaanse regering zich voortaan zal houden aan de principes die zijn vastgelegd in de grondwet.”