Hamlet sterft niet op rijk en bruisend ITs-festival

ITs Festival in Amsterdam. Nog te bezoeken tm. 1 juli. Inl: itsfestival.nl ****

Koning Berenger is een machteloos kind. Hij draagt een papieren nepkroon, huilt, kruipt bij zijn onderdanen op schoot. Tijdens het International Theatre School Festival, het ITs te Amsterdam, spelen studenten van de Toneelacademie Maastricht een wondermooie versie van De koning sterft (Le roi se meurt, 1962), een absurd drama van Eugène Ionesco. Ze noemen hun versie Plukt ons! In deze tijd, nu aangekondigde kunstbezuinigingen hun toneeltoekomst verdonkeren, is de titel treffend gekozen. En ondanks die wolken is het enthousiasme ongebroken.

Het ITs is een rijk festival. Aankomende en gearriveerde regisseurs werken met jonge acteurs. Er zijn tal van prijzen aan verbonden, onder meer de Ton Lutz Award voor de beste regie, de Kemn-A-ward toegekend aan de meest opvallende acteur of actrice en de Choreography Award voor dans. Bovendien komen bij de internationale programmering theateropleidingen uit het buitenland aan bod.

Deze week stuurde de directie van het ITs een brief aan de Tweede Kamer met het verzoek opgenomen te worden in de Basisinfrastructuur (BIS). Terecht. Maar liefst 630 jonge theatermakers doen dankzij het ITs beroepservaring op in het buitenland. En hier in Amsterdam, verspreid over verschillende theaters, voornamelijk rondom de Nes, bruist het festival. Na de uitvoeringen zijn er nagesprekken. Opmerkelijk is dat de jonge makers niet over een „voorstelling” spreken maar over „project”.

Games without frontiers, door de Acteursopleiding Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, en Donker, gebracht door de Vierdejaars Regie Opleiding Maastricht, zijn projecten. Ze kunnen lukken en mislukken. De definitie van een project is „van alles wat”. Acteurs hebben evenveel inbreng als regisseurs. Dat is veelal een foutieve optie: er moet een dwingende hand zijn. Donker is minder geslaagd: de acteurs struikelen en lopen een klein uur lang over een lopende band. Af en toe valt iemand eraf en kijkt verweesd naar de anderen, die maar doorgaan op de band. Het is te eendimensionaal. Daarentegen is Games een fantasievolle sensatie: in een entourage van witte ballonnen brengen de spelers met starre, gemaskerde gezichten een ode aan de muziek uit de jaren tachtig. Ze tonen ook de ijswitte, emotieloze kilte van die tijd. Geen van de spelers springt eruit, dat is weer jammer. Je zou willen dat aankomende acteurs zich profileren.

Dan komen daar de Russische spelers uit Sint-Petersburg met Hamlet - The Beginning. Voorafgaand geeft de bebaarde en bebrilde regisseur, die eruitziet als de professorale variant van Stanislavski, een toelichting. „We laten Hamlet leven”, zegt hij opgewekt. De voorstelling (en geen „project”) in de zuilenzaal van Felix Meritis is een energieke versie van Hamlet. De chronologie is losgelaten. Aan het slot leest de levende Hamlet de befaamde monoloog „To be er not to be” voor. In deze wervelende versie is volop ruimte gereserveerd voor dans. Schitterend hoe Claudius en Gertrude, moordenaar van Hamlets vader en overspelige moeder, op keihard vervormde cellomuziek van Bach innig dansen. En een jaloerse, wrokkige Hamlet moet toekijken, vanachter een zuil. Aan de felle blik kun je zien: deze Hamlet gaat niet dood. Prachtige acteerkunst.