Wielrenner biecht na de val

Niemand kent mij, Thomas DekkerNed. 3, 20.30-21.50 uur

Bloed van de kijkoperatie in de knie of zweet van een inspanningstest op de fiets; het spat haast van het scherm af. Wielrenner Thomas Dekker probeert terug te komen in het peloton na een schorsing van twee jaar wegens doping. Gert-Jan Lassche maakte voor de EO een boeiende documentaire: Niemand kent mij. Het is een verzuchting van Dekker, ergens halverwege de film. Toch verhult Lassches portret weinig. Prachtige beelden van Italiaanse glamour, Porsche en wielrennen in de zon. Maar vooral de kant die topsporters doorgaans niet graag laten zien: twijfel, angst, eenzaamheid.

Lassche, bekend van De boer die zou gaan emigreren, zegt dat hij al in 2008 een documentaire wilde maken over Dekker. Op dat moment nog de wonderboy van het Nederlandse wielrennen, gedoodverfd opvolger van Michael Boogerd en Erik Dekker in de Raboploeg. Door de buitenwereld werd hij weggezet als arrogant, zeker nadat hij in juli 2009 werd betrapt op doping. Juist op dat moment laat hij Lassche toe in zijn aparte wereld. „Ik wilde onafhankelijkheid, volledige medewerking en niemand sparen”, zegt Lassche.

Het resultaat gaat veel verder dan de zoveelste biecht van een betrapte sportman. Dekker toont zelfkritiek maar gaat nergens ongeloofwaardig diep door het stof. Arrogant? Maar dan ook sociaal voelend en intelligent. En kwetsbaar. De camera kijkt Dekker op zijn moeilijkste momenten recht in het gezicht. Keert hij terug op topniveau?

Maarten Scholten