Van pannekoeken naar 'plashuis' tijdens Mars

Onder de viaducten klinken blues en opera. Al zingend en musicerend marcheerden gisteren drieduizend cultuuractivisten van Rotterdam naar Den Haag.

Delft. - „Deze mars is nog maar het begin!”, schreeuwt regisseur Johan Simons de actievoerders toe in een vurige toespraak, voordat de Mars der Beschaving van start gaat. Simons wordt juichend bijgestaan door zo’n drieduizend cultuuractivisten. Ze verzamelden zich gisteren om acht uur ’s avonds voor museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam voor een protestmars naar Den Haag, gericht tegen de aangekondigde bezuinigingen op cultuur. „Ja, ik ga naar Den Haag lopen’’, zegt een jongen opgewekt aan de telefoon, „op m’n gympies.’’

Kunstenaar Joost Conijn geeft het startsein voor de 29 kilometer lange tocht, door met een zelfgebouwd houten vliegtuig over het museum te vliegen. Hij wordt vergezeld door actrice Anna Drijver. Onder luid gejuich trekken ze over de actievoerders. Dan beweegt de menigte zich langzaam door Rotterdam. Tijdens het lopen wordt volop muziek gemaakt. Operazangers zingen Va pensiero, het slavenkoor uit Verdi’s opera Nabucco, wat onder de Rotterdamse viaducten prachtig klinkt. Muzikanten wisselen elkaar al improviserend af op een rijdende piano. Al snel spelen mensen mee op gitaar en mondharmonica; door een megafoon worden de blues ten gehore gebracht.

De mars voert over de Rotterdamse wegen; verkeer kan er onmogelijk langs. Alleen als tram 4 voorbijkomt, wijkt de menigte even uit naar de stoep. Vanuit de flats zwaaien Turkse gezinnen op hun balkons de actievoerders lachend toe. „Wat is dit’’, schreeuwt een jongetje vragend naar beneden. „Cultuur!”, antwoordt een deelnemer, al verraden de verschillende protestborden ook waar de stoet voor staat. ‘Waar krijgen Henk en Ingrid nou pianoles?’, vragen deelnemers zich af.

Bijna alle deelnemers hebben een wit kruis op hun kleding – de afgelopen weken hét symbool van het protest. Operagezelschap O.T. trekt een houten zwaan met zich mee, uit de opera The rake’s progress. Artistiek leider Gerrit Timmers legt uit: „Deze zwaan is onmisbaar in die voorstelling, we nemen hem mee als symbool voor wat verloren gaat. Als het een beetje meezit, gaat hij in Den Haag de hofvijver in.” De demonstranten luisteren tijdens de tocht naar de speciale radiozender van de Mars, met muziek en interviews. De band de Staat en zangeres Roosbeef komen langs om live te spelen vanuit de radiobus, die voor de stoet uitrijdt. Met nog 24 kilometer te gaan, komt de bus vast te zitten onder de 3,8 meter hoge Mathenesserbrug, maar wanneer deelnemers massaal het voertuig instappen om het extra gewicht te geven, kan hij er nét onderdoor. Later wordt de bus door de politie van de weg gehaald; bij de politie was niet bekend dat de verzekering door de organisatie was betaald.

Om half elf loopt de mars door Zweth. Bob van de Lugt, hoofd van een theaterschool, heeft zijn huis opengesteld als ‘plashuis’. Deelnemers kunnen van het toilet gebruikmaken en hun flesjes bijvullen. „Dit is het minste wat ik kan doen. Het is belangrijk dat deze mars er is, want Nederland is niks meer zonder verbeelding’’, zegt Van de Lugt.

De inmiddels drie kilometer lange stoet kan onderweg terecht bij een pannenkoekenkar. Twee kilometer verder komt hij aan op de markt in Delft. Vermoeide lopers liggen op het plein. Dansers doen rek- en strekoefeningen om zich op te maken voor het laatste deel van de tocht. In Delft sluiten nog eens 2.500 mensen aan. Rond drie uur ’s nachts komen de eerste deelnemers aan op het Spui. In Haagse theaters kan worden overnacht. De organisatie schat dat ongeveer duizend mensen van dit aanbod gebruik hebben gemaakt. Ze slapen nog even bij voor hun ‘laatste schreeuw’ vandaag op het Malieveld in Den Haag.