Kamerlid en kunstenaar botsen bij Boijmans

Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam stelde gisteren zijn deuren open voor een massale protestactie tegen de bezuinigingen op kunst en cultuur. Met een actiesticker kon elke sympathisant gratis het museum in. Maar de meesten bleven buiten, om te luisteren naar de lange reeks sprekers op het binnenplein. Ook de Tweede Kamerleden die vandaag met de staatssecretaris overleggen over de bezuinigingen waren uitgenodigd. Allemaal, op PVV’er Martin Bosma na, waren ze gekomen.

CDA’er Marieke van der Werf werd met luid boegeroep onthaald toen ze het publiek voorhield dat de bezuinigingen noodzakelijk zijn wegens de economische crisis en zullen leiden tot een sterkere kunstsector. Ook VVD’er Bart de Liefde was zich er van bewust dat hij „niet de meest geliefde persoon op het binnenplein” was. Hij had bedongen dat hij geen vragen hoefde te beantwoorden. Maar geprovoceerd door gespreksleidster Ann Demeester (De Appel), die het korten op kunst vergeleek met het onverdoofd slachten van dieren, liet hij zich hier toch toe verleiden. „Er blijft na de bezuinigingen nog 700 miljoen euro over voor de kunsten, dat is evenveel als in 2005”, zei De Liefde.

De sprekers werden afgewisseld door performances van kunstenaars, zoals Erik van Lieshout, die zich liet opsluiten in de draaideur van het museum. Hij liet zijn actie begeleiden met het geluid van een kettingzaag. Dat sloot naadloos aan bij de woorden van Boris van der Ham (D66), die de kunstsector even daarvoor had vergeleken met een buxushaagje: „Dat moet je heel voorzichtig met een klein schaartje snoeien, niet met een motorzaag.”