'Ik ben lid van de bond van Henk'

De discussie rond het pensioenakkoord lijkt vooral op een richtingenstrijd binnen de vakcentrale FNV. Voorzitter Agnes Jongerius krijgt bijna dagelijks kritiek van haar FNV-collega Henk van der Kolk van FNV Bondgenoten. Het beeld van de strijd binnen de FNV is volgens Jongerius echter niet terecht. „Wie vertegenwoordigt wie?”

De strijd gaat inderdaad tussen Agnes en Henk. Maar niet de Henk van der Kolk van FNV Bondgenoten. „Nee, die andere Henk. Minister Henk Kamp”, zegt Agnes Jongerius, voorzitter van de vakcentrale FNV.

Onderwerp van de strijd is de uitwerking van het pensioenakkoord. Bondgenoten, de grootste bond binnen FNV, is verklaard tegenstander van het pensioenakkoord dat Jongerius, Kamp (Sociale Zaken, VVD) en de werkgevers op 10 juni sloten. En Bondgenoten staat niet alleen. Veel hoogleraren zijn kritisch, en volgens Jongerius ook „zelfbenoemde boegbeelden”, namens de jongeren of ouderen bijvoorbeeld. „Maar het is niet per definitie zo dat die boegbeelden die achterbannen ook vertegenwoordigen. Wie vertegenwoordigt wie? Ik ben ook lid van de bond van Henk van der Kolk.”

Toch is voor de buitenwereld vooral het beeld ontstaan van een interne strijd binnen de FNV. Een strijd dus tussen Jongerius en Henk van der Kolk. Hij kwam vorige week bijvoorbeeld met berekeningen die aantoonden dat mensen die na 2020 – als de AOW-leeftijd naar 66 jaar gaat – misschien wel een kwart van hun koopkracht inleveren als zij toch met 65 jaar stoppen met werken. Dat kwart blijkt volgens het Centraal Planbureau „niet realistisch” te zijn, maar is wel degelijk een koopkrachtdaling van netto 6 tot 7 procent.

Jongerius en andere verdedigers stonden op achterstand. Zij gingen er met de werkgevers vanuit dat de AOW-premie zou vervallen op het moment dat men AOW-krijgt. „Het kwam voor mij als een konijn uit een hoge hoed. Dus ik heb tegen Kamp gezegd: dat konijn moet weer terug in zijn hoed.”

Donderdag vond spoedoverleg plaats. Een dag later presenteerde het Centraal Planbureau enkele doorrekeningen van het akkoord. „Ten opzichte van vorige week hebben we zeker vooruitgang geboekt. Het rapport van het CPB ontkent de cijfers van Bondgenoten glashard. En de tweede vooruitgang is nu dat vandaag duidelijk wordt dat mensen die stoppen op hun 65ste er niet op achteruitgaan door de betaling van AOW-premie.”

Of met je 65ste stoppen dan helemaal geen inkomensdaling tot gevolg heeft (ten opzichte van de huidige AOW) durft ze niet te zeggen. „De rekenmachines op Sociale Zaken maken overuren. Ik wil heel graag heldere koopkrachtplaatjes laten zien, maar het is lastig om zaken te voorspellen die pas na 2020 spelen.”

Jongerius weet als geen ander dat juist het kunnen stoppen op 65 jaar voor de achterban van de bijna een half miljoen leden van Bondgenoten cruciaal is. Aanvankelijk was het de bedoeling dat er een extra regeling zou komen voor mensen met zware beroepen. „Dat bleek in de praktijk onmogelijk. Wat is een zwaar beroep? Nu proberen we het voor mensen die bijvoorbeeld jong zijn begonnen met werken en geen Zwitserleven-gevoel met 65 hebben, zo goed mogelijk te regelen. Dat we die koopkrachtdaling voor de laagste inkomens zoveel mogelijk dichtfietsen.”

Jongerius lijkt afhankelijk te zijn van haar gebruikelijke ‘vijanden’. Een lastig parket. Werkgeversvoorzitter Bernard Wientjes moest haar ten opzichte van Bondgenoten verdedigen. Jongerius is tegelijkertijd afhankelijk van VVD’er Henk Kamp. Die moet met nieuwe toezeggingen komen voor koopkrachtbehoud. Maar van afhankelijkheid van Kamp en Wientjes is volgens Jongerius geen sprake.

„Ik voel dat niet als afhankelijkheid. Je kunt veel van de minister zeggen, maar niet dat hij onduidelijk is. Het wordt het pensioenakkoor, of anders wordt het de weg van Kamp. Dan gaat de AOW naar 66 jaar, zonder dat er van enige compensatie sprake is”, aldus Jongerius. „Woensdag wordt er door de Tweede Kamer over de hoofdlijnen van het pensioenakkoord gesproken. Als wij geen akkoord zouden hebben, dan was er woensdag gestemd over Kamps verhoging van de AOW-leeftijd, zoals het in het regeerakkoord staat. Dan zou er nooit een flexibele AOW komen, zoals die in het akkoord staat.”

Aan Jongerius de taak om de 1,4 miljoen FNV-leden te overtuigen van de winst. Het akkoord van 10 juni moet het Nederlandse pensioenstelsel rijp maken voor de 21ste eeuw. Door de vergrijzing en door grote tegenvallers op de beurs heeft het stelsel, met 800 miljard euro, harde klappen gehad. Gevolg is wel dat werknemers grotere risico’s gaan lopen, omdat de pensioenuitkering meer gevoelig wordt voor schommelingen op de beurs. En de premies voor werkgevers worden op het huidige niveau gemaximeerd.

Na de zomer komt de FNV waarschijnlijk met een referendum. Afgelopen vrijdag gaf Bondgenoten daar groen licht voor. „Met Abvakabo vinden nu goede gesprekken plaats. We hopen dat zij ook instemmen met het referendum.” De ambtenarenvakbond werd afgelopen week kritischer over het akkoord, toen de koopkrachtcijfers van Bondgenoten naar buiten kwamen. Het Centraal Planbureau (CPB) betitelde die cijfers vrijdag als „niet realistisch” maar benadrukte wel dat het toekomstige pensioenstelsel, net als nu overigens, risico’s kent voor jongere generaties.

Abvakabo en Bondgenoten hebben in ledental een meerderheid binnen de FNV. Jongerius is voorzichtig bij de vraag of het akkoord in de prullenbak verdwijnt als een meerderheid tegen is. „Strikt genomen beslissen de negentien voorzitters van de verschillende bonden in de federatieraad. Maar ik heb altijd gezegd de meningen van alle leden heel belangrijk te vinden. Om hen gaat het immers. Ik kan me niet voorstellen dat de Federatieraad groen licht geeft als als een meerderheid van de leden tegen is. Andersom geldt hetzelfde.” Van der Kolk heeft van het begin af gezegd zijn leden een negatief stemadvies te geven.

Uit een enquête van tv-programma Eenvandaag onder 3.000 FNV-leden bleek dat zeven van de tien leden tegen het akkoord is. 55 procent zou geen vertrouwen meer in Jongerius hebben. Ze lijkt het allemaal onbewogen te ondergaan. Alleen bij de ondertekening was ze geëmotioneerd. „Die enquête werd gehouden in een week dat Bondgenoten de koopkrachtdaling presenteerde. Er zullen de komende weken wel meer tv-programma’s op een vergelijkbaar idee komen. En het gaat niet om voor of tegen mij. Het gaat om de toekomst van het pensioenstelsel.”

De afgelopen weken heeft een stroom aan deskundigen forse kritiek op het akkoord gespuid. Ook uit de Tweede Kamer komen kritische vragen, mede naar aanleiding van het vrijdag gepubliceerde CPB-rapport. „Woensdag wordt een spannend debat. Ik hoor zure dingen van Kamerleden. Bijvoorbeeld van de vrienden van de SP die beweren dat het akkoord slechter is dan de plannen van Kamp, maar inderdaad ook van andere partijen. Er is een aantal malen niet geïndexeerd: dat is niet alleen vervelend voor ouderen, maar juist voor jongeren.”

Volgens Jongerius heeft de acceptatie van het akkoord zijn tijd nodig. „Heel weinig mensen zijn gewend om lang over hun pensioen na te denken. Ik jaag door mijn overzicht elk jaar twee gaatjes, doe het in een map en denk er verder niet over na.”