Een liberaal kiest zelf welk vlees hij wil eten

Het is onliberaal van de VVD om het verbod op ritueel slachten te steunen, betoogt Camilia Bruil.

Dierenrechten laten prevaleren boven de rechten van het individu? Dat kan toch alleen worden toegejuicht door een one-issuepartij als de Partij voor de Dieren (PvdD)?

Morgen stemt de Tweede Kamer over het initiatiefwetsvoorstel van PvdD-leider Marianne Thieme. Daarin staat dat onbedwelmd ritueel slachten verboden moet worden. De VVD is, net als enkele andere partijen, intern verdeeld.

Tweede Kamerlid Janneke Snijder-Hazelhoff (VVD) heeft na het debat van vorige week laten weten vast te willen houden aan een dergelijk verbod. Alles wijst erop dat de VVD toch zal instemmen met de Thiemewet, mits aangevuld met het gezamenlijke amendement van VVD, PvdA, D66 en GroenLinks. De VVD maakt de vrijheid van het individu ondergeschikt aan dierenwelzijn.

Hoewel liberalen het individu, de mens, centraal stellen, kan niet worden gesteld dat ze geen aandacht hebben voor het welzijn van dieren. Al in de achttiende eeuw stelde de liberale filosoof Jeremy Bentham dat vanuit het liberalisme wel degelijk aandacht dient te zijn voor het welzijn van dieren, omdat het sensitieve wezens betreft. Zij kunnen pijn lijden. Vanuit liberale optiek moet de slacht van dieren zo gebeuren dat het dier zo min mogelijk lijdt.

Wetenschappelijk is geen uitsluitsel te geven welke vorm van slachting – bedwelmd of onbedwelmd – het minst dieronvriendelijk is. Een dier lijdt bij beide slachtvormen.

Veelal wordt vanuit de godsdienstvrijheid beargumenteerd dat onbedwelmd ritueel slachten zou moeten worden toegestaan. Vanuit liberaal oogpunt is dit beroep op de vrijheid van godsdienst geen sterk argument. Dit recht staat binnen liberale kringen al geruime tijd ter discussie. Andere grondrechtartikelen, zoals de vrijheid van meningsuiting, dekken dit recht voldoende af. Ook lijkt het grondrecht een uitzonderingspositie voor religieuzen te creëren. Zij kunnen zich – te pas en te onpas – op dit recht beroepen. Een niet-religieus individu heeft deze optie niet.

Een van de belangrijkste uitgangspunten van het liberalisme staat hier daarentegen wel ter discussie. Dat is de vrijheid van het individu. Het individu dient zo vrij mogelijk te kunnen leven. Daarbij dient hij of zij te worden beschermd tegen (te veel) bemoeienis vanuit de overheid, ofwel tegen negatieve vrijheid.

Het zelfbeschikkingsrecht, de autonomie, van het individu is een groot goed. Dit moet volgens John Rawls worden gezien als de vrijheid om te leven naar eigen inzichten. Een liberale staat schrijft het individu niet voor volgens welke waarden hij dient te leven. Aan deze vrijheid worden wel grenzen gesteld. Volgens John Stuart Mill houdt de vrijheid van het ene individu op als hij een ander individu schaadt.

Een dier is, hoe cru dit wellicht ook klinkt voor de dierenliefhebber, echter geen individu. Mocht dit wel het geval zijn, dan zouden wij allemaal direct vegetariër moeten worden – een idee dat zonder twijfel bijval zal krijgen van de PvdD.

Dit is overigens geen vrijbrief voor willekeurige dierenmishandeling. Zoals gezegd zijn ook liberalen voor dierenwelzijn. Hier wordt gesteld dat er een normatief onderscheid tussen de rechten van mensen en dieren moet worden gemaakt, waarbij in principe de vrijheid van het individu prevaleert. Liberalen stellen daarbij vertrouwen in het individu dat hij/zij zorgvuldig met deze verantwoordelijkheid, die deze vrijheid met zich meebrengt, omspringt. Maken we geen normatief onderscheid tussen mensen en dieren en stellen we de rechten aan elkaar gelijk, dan is het einde zoek.

Vanuit liberale optiek is een verbod op onbedwelmde rituele slacht in strijd met het zelfbeschikkingsrecht van het individu. Omdat dit algemene vrijheidsrecht van toepassing is, niet zozeer de godsdienstvrijheid, zouden beide vormen van slacht voor elk individu moeten worden toegestaan. Waarom mag een moslim of een jood onbedwelmd slachten en een christen of niet-gelovige niet? Mits volgens de wettelijke regels van de Gezondheids- en welzijnswet voor dieren wordt gehandeld, moet zowel bedwelmd als onbedwelmd slachten worden toegestaan.

Het individu moet vanuit het recht op autonomie zelf kunnen bepalen of hij/zij koosjer dan wel halal vlees wil consumeren. Wie volgens eigen inzichten en overtuiging dergelijk vlees wil consumeren, zou deze vrijheid moeten hebben. Dit geldt ook omgekeerd. Wie vanuit zijn overtuiging geen vlees van onbedwelmde slacht wil eten, moet ook die keuze kunnen maken. Nu is veelal onduidelijk of vlees dat in de winkel ligt product is van bedwelmde of onbedwelmde slacht. Daardoor kunnen mensen niet zelf de keuze maken wat zij willen kopen en lopen zij het ‘risico’ onbedwelmd geslacht vlees te consumeren.

Eerste Kamerlid Eduard Asscher (VVD) stelt terecht voor dat er een Europees keurmerk op vlees zou moeten komen. Daardoor is het voor de consument duidelijk of het bedwelmd of onbedwelmd geslacht vlees betreft. Het individu kan dan zelf de afweging maken voor welk type vlees – en dus voor welk type slachting – hij of zij kiest.

Camilia Bruil is wetenschappelijk medewerker van de Prof.mr. B.M. Teldersstichting, een onafhankelijk wetenschappelijk bureau ten behoeve van het liberalisme, gelieerd aan de VVD.