Een homerun sla je niet alleen op kracht

Hoe sla je een homerun? Bryan Engelhardt, slagkanon van Nederland, doceert op het World Port Tournament. „Informatie moet in een split-second van je hoofd naar je handen gaan.”

Een honkbal suist met grote snelheid richting de slagman. In een fractie van een seconde moet hij beslissen. Hoe kan hij de bal het beste raken om een homerun te slaan? Of is het risico van een vangbal in het buitenveld te groot? „Je moet de bal zo lang mogelijk volgen”, legt international Bryan Engelhardt (29) uit. Het op Curaçao geboren slagkanon is dit jaar voor de vierde keer homerunkoning van Nederland. „Dan komt het vervolgens aan op de swing”, vervolgt hij. „In de zone moet je de bal op het juiste moment raken. Kracht is dan niet eens het belangrijkste. Vroeger dacht ik: je moet zo hard mogelijk slaan. Maar dan heb je ook minder contact met de bal. Je leert je lichaam kennen, je krijgt meer ervaring. En dan weet je dat je ook met een iets rustiger slag een homerun slaat.”

In de wintermaanden trainen de tophonkballers in de zaal met gekleurde ballen en cijfers erop. „We oefenen dan op het volgen van de bal en je moet kunnen zeggen hoe die eruit ziet. Natuurlijk is het ook van belang met welke snelheid de werper de bal op je af gooit. Dat lezen we in de scoutingsrapporten. De ene pitcher kan de bal een snelheid geven van 70 kilometer per uur, de ander 96 kilometer. Dat scheelt nogal in de benadering. Je zoekt als slagman oogcontact met de pitcher, maar hij kijkt dwars door je heen.”

En dan: „Honkbal is misschien minder intensief dan voetbal, waarin je negentig minuten geconcentreerd moet zijn. Maar bij ons dient de informatie in een split-second van je hoofd naar je handen te gaan.”

Engelhardt is de enige Nederlander die ooit een homerun sloeg in de World Baseball Classics. Op die zondagavond in 2009 ramde hij in Miami nota bene tegen de Verenigde Staten de bal in de achtste inning over het hek. Het mocht niet baten, want het nationale team werd met 9-3 uitgeschakeld. Zijn grote droom leek niettemin uit te komen: een contract bij een club uit de Major League. Via via hoorde hij dat Florida Marlins interesse had. „Maar het was moeilijk om voor mij een visum te regelen. En daarna heb ik er niets meer over vernomen”, zegt hij wat mistroostig.

Als driejarige peuter stond Engelhardt op Curaçao al met een knuppel in zijn handen. Hij is een telg uit een echte honkbalfamilie. Zijn vader was een goede baseballer, zijn jongste broertje Rachid, ook een homerunspecialist, debuteerde onlangs op vijftienjarige leeftijd in de Nederlandse hoofdklasse voor HCAW. Bryan doorliep op zijn geboorte-eiland bij Groot Kwartier de opleiding en in 1998 kreeg Engelhardt een aanbieding van de Baltimore Orioles. Hij werd echter bij een satellietclub gestald in Venezuela. Dat hield hij een zomer vol. „Het was een gekkenhuis daar. Het stadion grensde aan een park. Van daaruit klommen mensen op een muur om de wedstrijden te kunnen volgen. Ze gooiden met bierflessen of schoten in de lucht. In de steden moest je steeds opletten niet te worden beroofd. Ik heb een speler gezien die helemaal bloot ons hotel binnenkwam. Zelfs zijn sokken had hij moeten afgeven. Na dat seizoen dacht ik: dit is niet wat ik wil en ben ik teruggegaan naar Curaçao.”

Op advies van zijn vader verhuisde Engelhardt een jaar later naar Nederland. Daarmee verkleinde hij de kans ooit nog uit te komen in de Major League, hoewel de Arubaanse scout van Baltimore Chulo Alleby ooit tegen hem zei: „Jij bent een speler die met zijn ogen dicht een bal kan raken.” Engelhardt: „Ik zou elk talent nu adviseren direct naar een club in de Major League te gaan en niet via een omweg. Rick van den Hurk is dat ook zo gelukt. Het zit me nog steeds heel erg dwars dat ik het niet heb gehaald. Misschien is er nog een kans. Japanners, Mexicanen en Cubanen gaan ook pas op latere leeftijd.”

Maar hij weet dat het niveauverschil hem kan opbreken. „Je krijgt hier in een seizoen zo’n 160 slagbeurten in 40 wedstrijden. In Amerika gaat het al snel om 500 slagbeurten in 162 duels. Daarom, als Barry Bonds en Manny Ramirez, die ik natuurlijk ook goed bestudeer, doping gebruiken, doen ze dat waarschijnlijk omdat hun lichaam protesteert.”

De meest onbeduidende honkballer in de Major League is miljonair. „In Nederland kan een tophonkballer van zijn honorarium net rondkomen. Je houdt niet eens wat over om op vakantie te gaan”, concludeert Engelhardt. „Raar, want Nederland is de nummer zes van de wereld.”

Deze week speelde hij in het World Port Tournament voor het eerst tegen zijn eigen land Curaçao. „Dat was apart. Je wilt winnen, maar je gunt de tegenstander ook een goed resultaat.” Nederland won met 6-0. „Het aantal talenten neemt wat af in Curaçao, maar er lopen toch weer wat jonge honkballers rond die de Major League gaan halen”, voorspelt hij.