Rwanda-proces na 10 jaar voltooid

Met 726 zittingsdagen was het proces tegen zes verdachten van de genocide in Rwanda het langste internationale proces ooit. Vrijdag zijn ze veroordeeld.

Arsène Ntahobali kijkt even over zijn schouder naar zijn moeder, de voormalige Rwandese minister van Familie- en Vrouwenzaken Pauline Nyiramasuhuko. Hij heeft een keurig pak aan, een blauw overhemd en een stropdas. En hij is zojuist door het Rwanda-tribunaal in Arusha tot levenslange gevangenisstraf veroordeeld voor zijn rol in de genocide in Rwanda in 1994.

Toen de Interahamwe, de moordcommando’s van de Hutu’s, de zuidelijke universiteitsstad Butare bereikte, wisselde Ntahobali, die nog studeerde, zijn wiskundeboek in voor een machete. Hij richtte naast zijn huis een blokkade op en zette militieleden aan om Tutsi-vrouwen te verkrachten en te vermoorden.

Ook zijn moeder kreeg vrijdag levenslang. Ze deelde condooms uit aan de verkrachtende Hutu-milities. Vier anderen werden eveneens veroordeeld; zij kregen straffen variërend van 25 jaar tot levenslang.

Daarmee is een einde gekomen aan een rechtszaak die tien jaar heeft geduurd. Alleen trouwe advocaten en de slome Tanzaniaanse rechter William Sekule maakten alle 726 procesdagen mee. De zaak heeft alle records gebroken. Door onenigheid tussen de verdachten en een reeks eindeloze kruisverhoren, is dit het langste en traagste internationale proces tot nu toe. En ook het duurste. „Rampzalig” en „beschamend” vinden ingewijden het. Maar dat weerhoudt de aanklagers er niet van vandaag een feestdiner te organiseren.

Het Rwanda-tribunaal is in Rwanda zelf niet erg populair. In de hoofdstad Kigali staat een klein informatiecentrum. Er staat een groot hek omheen en er bivakkeren alleen een paar advocaten. Arusha, de Tanzaniaanse stad waar het tribunaal gevestigd is, is voor de meeste Rwandezen te ver weg en het juridische getouwtrek is maar moeilijk te volgen. Rwandezen vragen zich af waarom er meer dan anderhalf miljard dollar is uitgetrokken om de elite te berechten.

„Dat geld had beter besteed kunnen worden aan nationale rechtbanken en ontwikkelingshulp”, zegt ook Lambert een paar dagen eerder. De voormalige gids van het nog bijna nieuwe Nationaal Museum in Butare, waar geen spoor van de genocide te vinden is, wil niet met zijn achternaam in de krant. „Hier in Butare zijn de zittingen van het Rwandatribunaal niet via tv of internet te volgen”, zegt Lambert. Hij was graag bij de veroordeling van Arsène Ntahobali aanwezig geweest, maar hij heeft geen geld om naar Tanzania te reizen. Zeventien jaar geleden zag Lambert Ntahobali wel eens op de universiteit. „Nu zou ik hem niet meer herkennen”, zegt hij. „Maar iedereen hier herinnert zich zijn misdaden.”

Het tribunaal in Arusha is traag, peperduur en werkt nogal geïsoleerd. Maar het boekte ook successen. Het veroordeelde als eerste internationale rechtbank iemand voor genocide. En ook belangrijke aanstichters van het geweld werden berecht – politici, militairen, militieleiders, twee journalisten en de populaire zanger Simon Bikindi.

Maar volgens critici is bij het tribunaal sprake van overwinnaarsrecht. Er zijn alleen Hutu’s berecht, hoewel een onderzoeksteam van de VN concludeerde dat het door Tutsi’s geleide RPF verantwoordelijk is geweest voor misdaden tegen de menselijkheid tijdens wraakacties.

Voormalig hoofdaanklager Carla Del Ponte startte een onderzoek naar de manschappen van huidige president Paul Kagame, een Tutsi, maar zij stuitte op politieke tegenwerking. Voor zij haar aanklachten had geschreven werd besloten dat ze alleen nog maar het Joegoslavië-tribunaal mocht doen. Haar opvolger Hassan Jallow stuurde het dossier op naar Kigali waar vervolgens vier Tutsi militairen een showproces kregen.

Ondanks alle kritiek werkt het Rwanda-tribunaal, dat in 2014 moet worden afgesloten, onverdroten voort, in de schaduw van de Kilimanjaro en van de tribunalen in Den Haag. Wie weet bijvoorbeeld dat er nog negen verdachten vrij rondlopen, onder wie Felicien Kabuga, de man die de genocide betaalde? En vorige week nog ontkende Bernard Munyagishari de moord op duizenden Tutsi’s. Hij werd één dag voor Ratko Mladic opgepakt.