Landschap betaalt zich terug, in geluk en euro's

Minister Schultz van Haegen schaft de Nationale Landschappen en groene zones tussen steden af (NRC Handelsblad, 21 juni). Provincies en gemeenten kunnen de bescherming wel regelen, zegt ze. Opvallend, want als het gaat om aanleg van snelwegen zet zij de lagere overheden juist op een zijspoor.

Een van de landschappen die bewijzen dat bescherming door het Rijk werkt, is Midden-Delfland; de groene long voor twee miljoen stedelingen, ingeklemd tussen Rotterdam en Den Haag. Door de Reconstructiewet Midden-Delfland is de enorme druk van de verstedelijking al veertig jaar weerstaan. Nu die speciale wet afloopt, zou het rijksbufferzonebeleid de bescherming moeten overnemen. Die bescherming is belangrijk. Want de behoefte aan beleving van rust, ruimte en mooie landschappen groeit. En het groentekort in de zuidelijke Randstad is het grootste van het land.

Door het bufferzonebeleid te schrappen, baant Schultz de weg voor bijvoorbeeld snelwegplannen. Zo onderzoekt zij de aanleg van de Blankenburgtunnel, die een aantasting betekent van Midden-Delfland. Op dezelfde wijze zal het door de PVV gereanimeerde plan voor snelweg A3 dwars door het Groene Hart meer kans maken als de status Nationaal Landschap er af is.

Zo ontstaat het gevaar dat de leefbaarheid in de Randstad verslechtert. Juist in de Randstad is een goede leefomgeving cruciaal voor het vestigingsklimaat. Als eenmaal is ingegrepen krijgen we die onbetaalbare landschappen nooit meer terug. Het landschap betaalt zich terug, in euro’s en geluk. Daarom moet het kabinet dit erfgoed beschermen, erin investeren, in plaats van zijn handen ervan aftrekken.

Jan Jaap de Graeff

Algemeen directeur Vereniging Natuurmonumenten