7x blij op reis

Stressvrij op reis – echt, het kan! Speciaal voor wie er moeite mee heeft, geeft Ellen de Bruin zeven tips voor een zorgeloos vertrek. Wetenschappelijk verantwoord.

1: ga op vakantie

Misschien wordt u heel gespannen van het idee dat u op het werk tijdelijk alles uit handen moet laten vallen. Misschien hebt u het niet zo op tentjes, hotels of verandering van omgeving in het algemeen. Maar neem toch vakantie deze zomer. Dat is goed voor u. Het ontstresst. Weliswaar blijkt uit onderzoek dat mensen zich meteen de eerste werkweek na hun vakantie al weer even ongezond, somber, gespannen, slap en ontevreden voelen als twee weken vóór die vakantie – dat schreef een team Nederlandse psychologen vorig in een artikel getiteld ‘Lots of fun, quickly gone’ in het wetenschappelijke tijdschrift Work & Stress. Maar (a) dat ging over wintersport en (b) misschien hadden die proefpersonen zich nog wel slechter gevoeld als ze niet tussendoor even een vakantieboost hadden gehad.

Bovendien, waar wilde u uw vakantiegeld, voor zover nog niet in het rode gat op uw rekening verdwenen, anders aan besteden? Aan zo’n hippe tabletcomputer of dure smartphone zeker? Niet doen. Er is allerlei onderzoek waaruit blijkt dat mensen gelukkiger worden van ervaringen dan van materieel bezit. Mensen wennen sneller aan materieel bezit dan aan ervaringen (zie ook tip 7), ervaringen zijn leuker om over te praten, én mensen blijven na het kopen van spullen vaak nog piekeren over de dingen die ze niet gekocht hebben – en krijgen daar dan spijt van.

Waarom mensen na het vergelijken van vakantieopties niet blijven tobben over de afgewezen mogelijkheden is nog onduidelijk. Misschien omdat die volgend jaar altijd nog kunnen (volgend jaar wéér een nieuwe auto kopen is meestal geen optie). Of misschien omdat alle moeizaam bij elkaar gegoogelde browservensters vol fijne hotelletjes en mooie plekjes onvindbaar verdwenen zijn zodra je, na het kiezen van de leukste, de computer uitzet. Geen idee meer wat al die andere opties waren en ze zijn ook nooit meer bij elkaar te googelen – daar zit een nog onontdekte natuurwet achter, naar alle waarschijnlijkheid dezelfde die ook sokken doet verdwijnen in de was.

2: zet tijdens het zoeken & boeken de computer niet uit

Zet de computer dus in de slaapstand als u voor het definitief boeken nog een nachtje over de mogelijkheden wilt slapen, anders kunt u weer van vooraf aan beginnen met zoeken. En gegarandeerd dat u dan blijft denken dat u de vorige avond al iets veel beters had gezien, wat u niet meer kunt terugvinden. Waarschijnlijk is het ook helemaal niet waar. Maar het gaat wel ten koste van de tijd waarin u zich moet verheugen op de vakantie en dat is nou net een van de belangrijkste onderdelen van het hele vakantieproces.

3: zie verwachtingsvol naar de vakantie uit

Dit is zeer belangrijk. In een inmiddels klassiek wetenschappelijk artikel uit 1997 (Journal of experimental Social Psychology) toonden vier Amerikaanse psychologen aan dat de verwachtingen die mensen van hun vakantie hebben, mooier en beter zijn dan de vakantie zelf – het ‘rosy view’-verschijnsel, noemden ze dat, door een roze bril kijken. De deelnemers aan hun onderzoek hadden het best aardig hoor, tijdens hun rondreis door Europa of drieweekse fietstocht door Californië, maar er waren ook teleurstellingen – het weer zat soms tegen, het eten was niet altijd lekker, er waren irritaties... Al met al was de reis duidelijk minder prettig dan verwacht. Dus verheug u, neem er uitgebreid de tijd voor: het is misschien wel het leukste aspect van de hele vakantie. Neem er desnoods speciaal een extra ‘bufferdag’ voor op, tussen de laatste werkdag en het vertrek. Dat kan ook handig zijn met het oog op het inpakken van de koffers.

4: pak uw koffers in zoals u zelf wilt

Er is opvallend weinig wetenschappelijk onderzoek gedaan – namelijk géén – naar een voor eventuele vakantiestress zo belangrijk onderwerp als het inpakken van koffers. Wanneer kan dat het best gebeuren, de avond van te voren of op de dag van vertrek zelf? Wat moet onderop? Hoe valt het lekken van shampoo of doucheschuim te voorkomen? Hoe blijven de kleren kreukvrij? Waar kunnen tickets en paspoort het beste? Niet-systematische, observationele studies lijken er vooralsnog op te wijzen dat mensen in de loop van hun leven een eigen persoonlijke inpakvoorkeur ontwikkelen. Die kan weliswaar beïnvloed worden door de manier van inpakken van reisgenoten, maar alleen als die reisgenoten er hun mond over houden. Verbale uitingen van vermeende superioriteit over de eigen methode leiden al gauw tot wat psychologen reactance noemen: het menselijk equivalent van blazend en krijsend, met opstaande nekharen, verdedigen van het eigen territorium.

Dus wil uw reisgenoot graag ’s avonds al de koffer inpakken, ’s ochtends alles er weer uithalen en helemaal opnieuw beginnen, of desnoods een hele (buffer)dag lang in- en uitpakken: niet mee bemoeien. Laat hem of haar! Pak zelf rustig op de eigen manier in en let daarbij óók op lichaamstaal – niet van die superieure handbeweginkjes, niet van dat hop-hop-hop, losjes even de boel erin gooien en dan half afgewend, semi-ongeduldig gaan staan wachten met zo’n ‘goh ik ben al klaar en jij nog niet’-ruggetje. Dat is onaardig! En niet relaxed! Dus wie is er hier nou gestresst? Hè? Nou?

5: neem uw geliefde mee

Ga op reis met degene van wie u houdt. (Wilt u vooraf zeker weten of diegene ook van u houdt, pak dan eerst een keer op proef samen koffers in.) Natuurlijk, reizen kan ook best zonder geliefde. Maar een paar jaar geleden is er onderzoek gedaan waarin één van twee liefdespartners vier tot zeven dagen van huis was en daar stonden zulke tragische grafiekjes bij, dat ik mensen die een partner hebben toch maar wil aanraden die gewoon mee te nemen. Tussen de tortelduifjes uit het onderzoek (gepubliceerd onder de titel ‘Every Time You Go Away’, Journal of Personality and Social Psychology, 2008) was vóór de trip alles prima en erna ook wel weer, maar tijdens de reis daalde het percentage ‘positiviteit’ in hun telefoongesprekken dramatisch en steeg hun stresshormoonspiegel navenant. Vooral bij mensen die weinig met hun partner belden en toch al moeite hadden met intimiteit in relaties. Zielig!

6: kies het juiste vervoer

In 2005 publiceerde de Amerikaanse psycholoog Jonathan Bricker zijn net ontwikkelde Air Travel Stress Scale. Daarin opvallend genoeg geen vragen naar vliegangst; deze lijst meet allerlei andere intense emoties rondom vliegen. ‘Als mijn vlucht vertraging heeft, voelt mijn lichaam gespannen’ (helemaal eens, helemaal oneens). ‘Ik pieker erover dat andere passagiers iets schadelijks kunnen doen in het vliegtuig.’ ‘Ik zou wel willen schreeuwen naar passagiers die heel veel handbagage bij zich hebben.’ ‘Ik voel me geërgerd als er baby’s of kleine kinderen in het vliegtuig zitten.’ ‘Ik ben bang dat ik mijn aansluitende vlucht mis.’ ‘Ik wil gemene dingen zeggen als andere passagiers een deel van mijn persoonlijke ruimte innemen aan boord van het vliegtuig.’ ‘Ik ben bang dat mijn bagage zoekraakt / gestolen wordt / beschadigd raakt.’

Het lezen van het wetenschappelijke artikel ontneemt een mens al snel iedere lust tot vliegen; Bricker voerde het onderzoek naar de validiteit en betrouwbaarheid van zijn nieuwe vragenlijst bovendien uit op een vliegveld, onder argeloze reizigers. Of die extra stress kregen van het invullen blijft onvermeld, maar als zo’n lijst iets duidelijk maakt, is het wel dat vliegen niet ieders ding is. Autorijden trouwens ook niet: wie snel boos wordt in een vliegtuig, wordt dat ook achter het stuur. Conclusie: kies een manier van verplaatsing die niet bang of boos maakt, maar gelukkig en tevreden.

7: droom na afloop veel over de vakantie na

Dit is misschien nog wel belangrijker dan verwachtingsvol uitkijken naar de vakantie: kijk er vreugdevol op terug. Dat kan ook meestal makkelijk: weliswaar bleek uit het eerder genoemde ‘rosy view’-onderzoek dat vakantie vaak nogal tegenvalt, maar wat er óók uitkwam, was dat mensen dat al heel snel weer vergeten. We denken niet alleen van te voren dat de vakantie leuker zal worden dan uiteindelijk het geval blijkt, we denken achteraf ook dat het leuker was dan we ter plekke vonden. Binnen enkele dagen na thuiskomst vonden de mensen uit het onderzoek hun vakantie alweer fantastisch.

De Amerikaanse psycholoog Leaf van Boven noemde dat mechanisme een paar jaar geleden als een van de redenen dat ervaringen gelukkiger maken dan materieel bezit: ervaringen kun je veel gemakkelijker in je hoofd naar je ideaalbeeld toe buigen. In een artikel in Review of General Psychology (2005) beschrijft hij een rampzalige wandeltocht met vrienden in de Rocky Mountains: onweer, sneeuw – en dan bijna verdwalen. „Maar toch heb ik heel goede herinneringen aan deze tocht. Het was een hoogtepunt van die zomer. Ik ben blij dat ik het heb gedaan.”