Van Gogh verhuist tijdelijk naar de Hermitage

Het Van Gogh Museum zal in het najaar van 2012 een deel van zijn collectie tijdelijk onderbrengen in de Hermitage Amsterdam. Het museum moet zes maanden sluiten voor een noodzakelijke verbouwing, zo maakte directeur Axel Rüger vanochtend bekend. Het gaat om bouwkundige aanpassingen op het gebied van veiligheid die „dermate complex” zijn dat het gebouw moet sluiten voor publiek.

De directeur van het Van Gogh Museum, dat 1,5 miljoen bezoekers per jaar trekt, benadrukt dat hij het een moeilijk besluit vindt om het gebouw te moeten sluiten in dezelfde periode dat ook het Rijksmuseum deels gesloten is vanwege verbouwingen. Rüger: „Maar het gaat hier om een onderhoudsplan dat op gang is gekomen door aangescherpte wettelijke eisen van de Rijksoverheid. Wij zijn verplicht om het gebouw voor 2014 aan te passen.”

Het Van Gogh Museum heeft daarop besloten de verbouwingen, die onder meer de elektrische bedrading van het Rietveldgebouw en de aanpassing van de vluchtroutes betreffen, zo snel mogelijk uit te voeren. In 2013, als Amsterdam vanwege diverse jubilea internationaal in de belangstelling zal staan, wil Rüger zijn museum weer „tiptop in orde” hebben. „Wij vieren dan de veertigste verjaardag van ons museum en de 160ste verjaardag van Vincent van Gogh. Bovendien bestaat de grachtengordel vierhonderd jaar en viert het Concertgebouw zijn 125-jarige bestaan.”

Van 29 september 2012 tot 3 februari 2013 zal het Van Gogh Museum een selectie van 75 werken van Vincent van Gogh tonen in een van de vleugels van de Hermitage in Amsterdam. Een gelukkige samenloop van omstandigheden is dat de Hermitage in deze periode een tentoonstelling gepland heeft met impressionistische topstukken uit de collectie van het moedermuseum in St. Petersburg. „Die twee tentoonstellingen sluiten naadloos op elkaar aan”, aldus Rüger.

Hoeveel het Van Gogh Museum moet betalen om gebruik te maken van de faciliteiten van de Hermitage, wil Hermitage-directeur Ernst Veen niet zeggen. „Wij zijn cultureel ondernemers, en als we elkaar kunnen helpen, zullen we dat niet nalaten.” Het publiek kan straks een gemeenschappelijk kaartje voor beide tentoonstellingen kopen.