Soepele sound Arctic Monkeys

Arctic Monkeys. Gehoord: 23/6 Paradiso, Amsterdam. Herhaling: 19/8 Lowlands, Biddinghuizen. ****

In interviews laat Alex Turner, zanger/voorman van Arctic Monkeys, weten zich geen „stem van zijn generatie” te voelen. Maar afgaand op de reacties van het publiek, gisteravond in een uitverkocht Paradiso, Amsterdam, denkt de aanhang daar anders over. Die liet zich tegen de hekken voor het podium persen, terwijl ze de teksten meezong en vuisten in de lucht schudde. Wat zou „stem van een generatie” in dit geval betekenen? Arctic Monkeys, dat vijf jaar geleden vanuit Sheffield de wereld veroverde met snedige rocksongs vol underdogbravoure, heeft, zoals te horen op de onlangs verschenen nieuwe cd Suck It And See, haar haastige stijl verwisseld voor vloeiende liedjes, waarbij Turner als een crooner zijn vindingrijke teksten zingt.

Niet wanhopig, niet verongelijkt, maar soepel de eigen weg zoekend, dat is het kenmerk van deze vier twintigers. Inmiddels hebben ze vier cd’s gemaakt, wat een rijk repertoire geeft om live uit te kiezen. Gisteravond werd geschakeld tussen de rauwe opwinding van toen en de sublieme gesoigneerde sound van nu, waarin een ironisch sixtiesgevoel de kop opsteekt in bijvoorbeeld ‘The Hellcat Spangled Shalalala’. Het aloude ‘I Bet You Look Good On The Dancefloor’ en ‘View From The Afternoon’ leidden tot aardverschuivingen in de zaal, de langzamer nummers werden wiegend meegezongen.

De „stem”’ zelf was ontspannen en toonde zich een volleerd rockster. Hij speelde op een boven zijn hoofd geheven gitaar, soleerde op zijn knieën tijdens ‘Still Take You Home’, en schoot aan het eind van het optreden zijn plectrum de zaal in.