In de steek gelaten

De angst in Afghanistan dat Amerika het land aan zijn lot overlaat is groot.

Want de oorlog lijkt zich juist uit te breiden van het zuiden naar het noorden.

„Jullie moeten doorgaan, nooit opgeven”, galmde het gisteren door de microfoon in het Intercontinental Hotel in de Afghaanse hoofdstad Kabul. De vrouwelijke parlementariër Shenkew Karoghil, die vorig jaar werd herkozen, probeert een groep van vijftig vrouwen die het juist niet zijn geworden bij die verkiezingen, op te beuren. „Blijf vechten voor je rechten”, gaat ze door. En dan gooit ze er nog een oneliner in. „Voorkom dat dochters uitgehuwelijkt worden voor een koe.”

Een van de verliezers, Rita Ali Nuristani, weet dat deze ochtend een bijzonder slecht moment is om de vrouwen moed in te spreken. „Juist nu maakt Amerika bekend dat het gaat vertrekken.” En dat plaatst de toekomst van Afghaanse vrouwen – en van het land als geheel – in een onzeker perspectief. „Hoeveel cynischer kan het worden?”

Nuristani weet als geen ander wat het betekent als de Amerikanen vertrekken. Haar district – Nuuristan, in het gevaarlijke oosten van het land – is al lang opgegeven door ‘Americaeeha’, zoals ze het land noemt in het Dari, hun taal. Het gebied kon niet worden gewonnen en dus pakten de militairen vorig jaar hun biezen. Sindsdien trekt het gebied, waar ze al nauwelijks meer naartoe kan als vrouw, allerlei vijandige groepen aan en staat de lokale overheid erbij en kijkt er naar. „De Amerikanen hebben alles achtergelaten, er is niet eens geld voor opbouwprojecten.”

Dat is precies de angst in Afghanistan. In hoeverre interesseren de VS zich nog voor Afghanistan? De argumenten om terug te trekken worden vooral ingegeven door binnenlandse politiek en niet zozeer door de ‘vooruitgang’. President Obama wil herkozen worden en de terugtrekking moet de Amerikanen tevreden stemmen. De Afghaanse oorlog wordt later wel opgelost, zo lijkt het.

Want de strijd in Afghanistan gaat onverminderd door. De VN maakten nog deze week bekend dat het aantal burgerslachtoffers in mei nog nooit zo groot is geweest sinds 2007. Bovendien lijkt het conflict zich juist uit te breiden van het altijd al onrustige zuiden van Afghanistan naar het noorden, waar deze week regelmatig aanslagen werden gepleegd op gouverneurs en politiecommandanten.

Onderdeel van de terugtrekking is het in sneltreinvaart opleiden van Afghaanse politie en leger zodat die zelf voor veiligheid kunnen zorgen. Het ministerie van Binnenlandse Zaken liet gisteren nog weten in hun eentje negentien zelfmoordenaars te hebben gepakt. Dat is het goede nieuws. Maar er lopen ook agenten weg omdat ze het apparaat niet meer vertrouwen. Steeds vaker zoeken zelfmoordterroristen agenten en militairen op, in de hoop er zoveel om te brengen.

De volgens experts enige oplossing voor het land – onderhandelen – is nog maar in een pril stadium. Ook al wil Amerika nu wel met de Talibaan praten, de gesprekken zijn nog niet verder dan een voorzichtige kennismaking. Dat kan ook niet anders. Er is veel wantrouwen en beide partijen vechten ondertussen dag in dag uit door. De Afghaanse president Hamid Karzai, noemde de terugtrekking de „juiste beslissing, in het belang van beide landen” en zei dat Afghanen nu zelf voor de veiligheid zullen zorgen. Maar een Afghaan die zich voordoet als woordvoerder van de Talibaan liet weten niet te geloven dat Amerika vertrekt en kondigde aan dat „de strijd” alleen maar zal worden opgevoerd. De terugtrekking van 10.000 manschappen was „symbolisch”.

Rita ali Nuristan, die nu een dokterspraktijk runt, is bang dat het land weer vervalt in een burgeroorlog als Amerika zijn aandacht verliest. Voordat de Talibaan opkwam, zegt ze, was er ook een burgeroorlog en de kans is groot dat die geschiedenis wordt herhaald. „Afghanistan verandert in een strijdtoneel, waarbij gewone Afghanen het slachtoffer worden.” Of ze zich weer kandidaat stelt voor de verkiezingen over vier jaar, weet ze dus nog niet. „Het kan goed zijn dat ik me dan weer heb opgesloten in mijn huis, en niet meer naar buiten durf.”