Geen geroddel en gezeur meer

De resultaten van het Nederlandse team vielen tegen en de sfeer was slecht

Er was behoefte aan een nieuwe start: een nieuw team onder een nieuwe coach.

De aanstekelijke schaterlach van Max Caldas rolt over het veld. „Pas op voor auto’s!” roept de bondscoach. Hij heeft een setje golfballetjes tussen de meiden gegooid, om over te slaan – met hun hockeystick, wel te verstaan. Goed voor het balgevoel. Maar een minuut later verbreekt een keihard ‘pok’ de stilte op het hoofdveld van het Utrechtse Kampong: Claire Verhage raakt een zwarte Volvo op het parkeerterrein. Gejoel – het blijkt de auto van keeperstrainer Bart Looije.

De vreugde spat ervan af. En dat was nodig ook. Na jarenlange wereldheerschappij werd de ploeg vorig jaar hardhandig van de troon gestoten door Argentinië. Het leidde de val in van bondscoach Herman Kruis, terwijl de routiniers Minke Smeets en Janneke Schopman stopten. Leuk was het allerminst, zegt Eva de Goede, ondanks haar leeftijd (22) een routinier met 73 interlands. „Het plezier was wel weg. Er was veel gezeur, de sfeer was niet goed. We praatten meer over elkaar dan met elkaar, zoals vrouwen doen. Er waren veel groepjes. Het was nog knap dat we tweede werden.”

Het heeft er alle schijn van dat de slechte sfeer te maken had met de machtsoverdracht door de vorige generatie, die alle mogelijke titels veroverde, inclusief het olympisch goud van Peking (2008). Na het wegvallen van speelsters als Minke Booij en Fatima Moreira de Melo was het vorig jaar de beurt aan Schopman, een uiterst dominante aanvoerster. „Misschien voelden we al aan dat de pikorde ging veranderen”, analyseert De Goede, die er in Peking al bij was.

Waar sommigen vrezen dat het afscheid van die generatie voorlopig het einde betekent van een tijdperk, zien anderen juist kansen. Marilyn Agliotti (32) heeft haar teamgenoten juist zien opbloeien. „We zullen Jannekes kwaliteiten als aanjaagster missen. Maar verjonging is ook goed en verfrissend. Zij was heel erg aanwezig. In de kleedkamer is het nu wat relaxter. Je ziet andere persoonlijkheden opstaan, zoals Eva, Maartje Paumen, Carlien Dirkse van den Heuvel en Floortje Engels.”

Agliotti zag in Argentinië meer dingen misgaan. „We waren niet superfit. We trainden wel veel, maar ik denk niet dat we onze grenzen hadden opgezocht.” Maar vooral mentaal bleek de ploeg niet klaar voor de Argentijnse heksenketel in Rosario – in de eerste tien minuten van de WK-finale werd Nederland volkomen overdonderd. „Mentaal hadden we veel meer kunnen doen om ons voor te bereiden op het publiek. Je hebt al bijna geen kans op een WK in Argentinië.”

Er was behoefte aan een nieuwe start: een nieuw team onder een nieuwe coach, die de dingen anders aanpakt. Tijdens de Champions Trophy in Amstelveen zal blijken of Caldas op het juiste pad zit. En of een nieuwe olympische medaille in Londen een realistische droom is.

De eerste ervaringen met Caldas zijn goed. Onder de Argentijn, in Peking al assistent van Marc Lammers, spraken de speelsters twee maanden geleden alles uit wat hun dwarszat.

Ze geniet zichtbaar van de training van Caldas. Hij traint niet alleen met golfballetjes om de behendigheid en de motoriek te prikkelen, maar ook met een volstrekt oncontroleerbare rubberen ‘Z-bal’, die alle kanten op springt. „We maken veel lol”, zegt De Goede. Volgens Caldas zelf lijkt het een leuke, ontspannende training. „Maar het vraagt ongelooflijk veel. Ze moeten zich constant aanpassen. Ze gaan op een lachende manier kapot.”

Caldas riep niet alleen de hulp in van looptrainer Cees Koppelaar en krachttrainer Patrick van Balkom om de ploeg fitter te krijgen, de bondscoach zocht in Zuid-Afrika naar vernieuwing. Binnenkort krijgen alle speelsters EyeGym: een speciaal oogtrainingsprogramma van de Zuid-Afrikaanse arts Sherylle Calder, die met talloze topsporters werkte. „Ik heb de beelden van de WK-finale in Argentinië goed bestudeerd”, zegt Caldas. „Dan zie je interessante dingen. Waarom ziet een speelster niet dat iemand vrijstaat? Wat zie je wel, wat zie je niet? Het oog kan beter diepte, richting en snelheid gaan zien als je erop traint.”

Het zijn details, maar Caldas gelooft dat ze het verschil kunnen maken, noodzakelijk om technische superioriteit te krijgen. Want niemand twijfelt eraan dat vernieuwing nodig is – het Nederlandse hockey was te doorzichtig geworden. Agliotti: „Argentinië en Engeland staan ons de laatste jaren gewoon op te wachten rond de cirkel, om ons spel te ontregelen met allerlei overtredingen. De bal moet sneller de cirkel in. We moeten verrassend zijn. Zij moeten zich weer gaan aanpassen aan ons.”

Caldas denkt dat de nieuwe generatie meer dynamisch kan spelen dan het ‘oude’ Oranje, dat strak werd geleid door enkele routiniers. „We hebben nu misschien wel zeven of acht leiders. Ik geloof niet in die ouderwetse, hiërarchische gedachte waarbij de aanvoerder de baas is. Wij willen dat verschillende mensen op verschillende momenten opstaan. Het moet overal vandaan komen. We willen meer onvoorspelbaar zijn.”

Probleem is dat het clubhockey soms schuurt met de nationale belangen, merkte Caldas. Volgend jaar mei, drie maanden voor ‘Londen’, moet hij het olympische testtoernooi laten lopen omdat in die periode in Nederland play-offs worden gespeeld. „Je kunt daar alles verkennen, het veld, de kleedkamers, de verlichting. Ik heb me erbij neergelegd, en we gaan ons zo goed mogelijk voorbereiden op de Spelen, maar het is een ongelooflijk gemiste kans.”

Maar Caldas wil zich niet laten afleiden. Een maand geleden had hij een lang gesprek met zijn oude ‘baas’ Lammers. „Ik wilde kijken wat hij vindt van de selectie, het programma, de Spelen. Ik heb heilig vertrouwen in hem. Hij zegt gewoon dat hij iets helemaal niks vindt. Ik spar graag met hem. Maar uiteindelijk zal ik de keuzes maken.”

Hij zal dat doen met een groep die staat te popelen om het verloren terrein op Argentinië goed te maken. „Ik zie in hun ogen dat ze heel graag willen. De verliefdheid zal na verloop van tijd wel minder worden, maar ik geloof dat wij alles in ons team hebben om het op een hoog niveau te houden.”