Fairouz is de stem van het Oosten

Het Holland Festival sluit zondag met de legendarische Libanese zangeres Fairouz. Haar muziek verbindt de Arabische wereld – over alles zijn ze het daar oneens, behalve over Fairouz.

Amsterdam. Die typisch neergeslagen ogen, een strenge blik, een kleine buiging. De Libanese zangeres Fairouz is geen vrouw van de grote gebaren, danspassen of frivoliteit op het podium. Ze is een vrouw die haar muziek serieus neemt. Een artieste die haar publiek niet overvoert met concerten en die de pers op grote afstand houdt. Ze wordt ‘de ambassadeur van de sterren’ genoemd en ‘de buurvrouw van de maan’. Maar eigenlijk is ze gewoon een levende legende. Ze treedt voor het eerst op in Nederland, aanstaande zondag, tijdens het Holland Festival.

Fairouz (echte naam Nouhad Haddad, 1935, Fairouz betekent turquoise) staat voor de Libanese trots. Ze brak door tijdens het Baalbeck Festival in Libanon in 1957 en groeide uit tot de grande dame van de Libanese zang in de jaren zestig.

Haar grote faam dankt ze aan haar zuivere stem en de samenwerking met de Rahbani broers, Assi en Mansouri. De broers schreven haar nummers en componeerden de muziek. Ze trouwde met Assi en vormde met de broers een hecht muzikaal trio tot haar scheiding in 1979. Haar zoon Ziad Rahbani zette de muzikale samenwerking met zijn moeder voort.

In het roerige Libanon dat verscheurd werd door oorlog, steeg Fairouz boven de partijen uit. Tijdens de burgeroorlog verliet ze haar land niet, maar ze trad er evenmin op en koos zo geen partij.

Over Fairouz ging vroeger het verhaal dat ze had gezworen nooit meer te lachen, tot Palestina weer onafhankelijk werd. Tijdens haar optredens beweegt ze haar armen en schouders op de typische ‘Fairouz-manier’: een soort gestileerd geschokschouder. Er zijn ook optredens waar ze op het podium staat als een zingend standbeeld. Naarmate de jaren verstreken, werd ze afstandelijker en ongrijpbaarder. Steeds vaker verkoos Fairouz de stilte. Wellicht omdat ze media-aandacht niet fijn vindt, misschien om de mythe groot te houden.

Op internet zijn enkele interviews met haar te zien, en wat documentaires. Daaronder is die van Frédérique Mitterand. In de documentaire praat Fairouz openhartig over haar relatie met haar ex en vader van haar kinderen, Assi Rahbani. Op de vraag welke bijnaam het best bij haar past (droomstem, vogel van het oosten, stem van de liefde, stem van het geluk, stem van het land) antwoordt ze: „Allemaal”. In een interview met de Egyptische televisie uit 1989 zegt ze: „Ik zing en dat is voldoende”.

Haar muziek staat voor Libanese trots en waardigheid. Tegelijk verenigt die muziek de tot op het bot verdeelde Arabieren – over alles zijn ze het oneens, behalve over Fairouz.

In 1994 trad ze op het Martelarenplein in Beirut op; een concert dat de wedergeboorte van het verwoeste stadscentrum markeerde. In 2006 ontving het publiek haar met tranen tijdens het toneelstuk Sah el Nom. Terwijl het leger paraat stond voor een mogelijke nieuwe burgeroorlog, trotseerden mensen wegobstakels om Fairouz te kunnen zijn. Eén van hen zei hierover: ‘Fairouz is de muziek van ons leven’. Zo voelt dat voor veel mensen.

Toen ze vorig jaar oude nummers van Rahbani niet ten gehore mocht brengen (ze moest eerst rechten betalen) kozen allerlei sterren haar kant: „Als je van Libanon houdt, hou je van Fairouz”. In het land zijn busreizen niet compleet zonder haar nummer Al Bosta. Politiek geëngageerden roemen haar nummers over Libanon en Palestina en verliefde harten dromen weg bij haar romantische nummers.

Wat het bijzonderst is: zelfs als je geen fan bent, raakt Fairouz je. Haar muziek brengt een gevoel van nostalgie met zich mee, voor een vergaan Arabisch tijdperk, van liefde voor de eigen cultuur.

26/6 in Carré A’dam (uitverkocht),