EU geeft Griekenland 28 miljard steun

Als het Griekse parlement dinsdag het nieuwe hervormingspakket van ruim 28 miljard euro goedkeurt, krijgt Griekenland nieuwe leningen van eurolanden en extra Europees ontwikkelingsgeld om economische groei te stimuleren. Dat hebben de Europese regeringsleiders gisteravond in Brussel gezegd.

Dit besluit was „een echo” van wat euroministers van Financiën zondag besloten, zei premier Mark Rutte na afloop. Met één verschil: de ministers vergaderden zondag zeven uur lang in geagiteerde sfeer, waarbij ze hun nieuwe Griekse collega Evangelos Venizelos keihard aanpakten. Gisteravond spraken de regeringsleiders amper een half uur over de situatie, waarbij geen onvertogen woord viel. Papandreou kreeg ieders steun. Iedereen uitte wel bezorgdheid over groeiende pessimisme van de financiële sector over Griekenland, en het besmettingsgevaar naar Europese banken en andere eurolanden.

Gistermiddag beloofde Venizelos in Athene onderhandelaars van ECB, IMF en Europese Commissie – de ‘troika’ die Griekenland min of meer bestuurt – 5,5 miljard euro aan extra maatregelen om het bezuinigingspakket van 28 miljard geloofwaardiger te maken. Die moeten de zwakke plekken in het pakket opvullen die de troika vorige week vond.

De Griekse oppositieleider Antonis Samaras, ook in Brussel, werd door Europese conservatieve partijgenoten onder druk gezet het pakket te accepteren. Maar Samaras blijft kritisch over delen daarvan. Dat irriteert velen. Toen de Italiaanse premier Silvio Berlusconi hem wees op het Europese belang van nationale eenheid, vertelt een bron, antwoordde Samaras dat hij zich met zijn eigen zaken moest bemoeien omdat Italië de volgende kon zijn.

Opnieuw waarschuwde ECB-voorzitter Jean-Claude Trichet dat participatie van de financiële sector aan extra leningen voor Griekenland vrijwillig moet zijn en gecoördineerd moet gebeuren. Ministers polsen momenteel banken, pensioenfondsen en verzekeraars.

Regeringsleiders keurden verder unaniem de benoeming van Mario Draghi goed, de gouverneur van de Nationale Bank van Italië, die Trichet in november moet opvolgen. De ondertekening van de bevestigingsbrief – een formaliteit – liep vanmorgen vertraging op, omdat de Franse president Nicolas Sarkozy eist dat eerst het Italiaanse ECB-bestuurslid Lorenzo Bini Smaghi terugtreedt: Sarkozy vindt twee Italianen en geen Fransman aan de ECB-top onacceptabel. Premier Berlusconi heeft Bini Smaghi intussen aangeboden topman te worden van de Italiaanse Mededingingsautoriteit. Maar Bini Smaghi, wiens ECB-termijn tot 2013 loopt, wil Draghi opvolgen bij de Banco d’Italia. Daar voelt Berlusconi weer niet voor.