Pas op voor de narcistische topbestuurder

Een bestuursvoorzitter moet een beetje narcistisch zijn. Dat doet wonderen voor zijn bedrijf. Maar te veel narcisme is funest en kan zelfs leiden tot fraude.

Elke topbestuurder heeft een zekere mate van eigenliefde, narcisme, in zich. Anders hadden ze de top nooit bereikt, zegt econoom Antoinette Rijsenbilt. Een vleugje narcisme zorgt voor visie, zelfvertrouwen, charisma, doelgerichtheid en een zucht naar erkenning. Eigenschappen die meestal leiden tot betere bedrijfsresultaten. Maar in het onderzoek waarop Rijsenbilt vandaag promoveert aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, wijst ze op de keerzijde: te veel narcisme gaat samen met een gebrek aan tegenmacht van het bestuur dat de topman zou moeten controleren en bijsturen. En dat, zegt Rijsenbilt, kan leiden tot wanbestuur. Tot fraude zelfs. „De narcistische bestuursvoorzitter verdrinkt in zijn eigen spiegelbeeld. Dat dachten we intuïtief altijd al, maar ik heb het nu ook empirisch aangetoond.”

Hoe meet je narcisme bij topbestuurders?

„Dat was een van de lastigste onderdelen van mijn onderzoek. Ik heb uiteindelijk een model ontwikkeld waarin met vijftien indicatoren de mate van narcisme kan worden vastgesteld. Die indicatoren zijn bijvoorbeeld de hoogte van de beloning, privégebruik van het bedrijfsvliegtuig, de mate van media-aandacht, maar ook de grootte van de foto van de topman in het jaarverslag.”

Hoe hoger de beloning, hoe narcistischer de topman?

„Niet per definitie. Het zit ‘m ook in het verschil in beloning tussen de eerste en de tweede man. Gemiddeld ligt die ratio op 2,2. Ik kwam echter uitschieters tegen van topmannen die zes tot acht keer zo veel verdienden als hun tweede man. Dat zegt veel.”

U hebt 953 bestuursvoorzitters geanalyseerd. Zaten daar ook vrouwen tussen en scoorden zij net zo hoog op de narcistische meetlat?

„Er zaten zestien vrouwelijke bestuursvoorzitters tussen en die bleken net zo narcistisch als hun mannelijke tegenhangers. Kijk naar Carly Fiorina, (voormalig bestuursvoorzitter van Hewlett- Packard, red.) zij werd ook voor mijn onderzoek al door verschillende psychologen als narcist bestempeld.”

U stelt in uw proefschrift: een beetje narcisme is goed. Wanneer gaat het echt fout?

„Zodra de topbestuurder zo narcistisch is dat hij de bedrijfsresultaten gaat manipuleren om voor de buitenwereld succesvol te zijn. Een narcistisch leider denkt dat hij onoverwinnelijk is. Dat gaat vaak gepaard met risicovol gedrag. Fraude komt daardoor veel vaker voor bij narcistische bestuursvoorzitters. Ik heb alle aanklachten van de SEC, de Amerikaanse beurstoezichthouder, bekeken tussen 1992 en 2008. Van de bijna duizend bestuursvoorzitters die ik onderzocht bleken er 54 betrokken bij een fraudezaak. Die groep scoorde inderdaad veel hoger dan anderen op narcisme.”

Wat zet een narcistisch bestuurder aan tot fraude?

„Als een narcist zijn bedrijfsdoelstellingen naar beneden bij moet stellen, ervaart hij dat als gezichtsverlies. Als verlies van status. Dus wat gebeurt er? Hij manipuleert de cijfers. Eerst gaat het om creatief boekhouden, maar later escaleert dit in regelrechte fraude. Alles om de schijn op te houden. De beschuldigingen die ik tegenkwam in de aanklachten va de SEC zijn soms schokkend! Neem Joe Nacchio, de bestuursvoorzitter van telecombedrijf Qwest. Die verduisterde tientallen miljoenen en bleef beleggers voorhouden dat het goed ging met zijn bedrijf. Puur en alleen om zijn rivaal US West over te kunnen nemen.”

Maar een bestuursvoorzitter kan toch niet op eigen houtje met de cijfers knoeien, hoe narcistisch hij ook is?

„Een kenmerk van narcisten is dat ze charismatische leiders zijn, waar mensen graag als kippen zonder kop achteraan lopen. Dus nee, hij doet het niet alleen, maar hij manipuleert ook zijn omgeving om hem te helpen met het creatieve boekhouden. En als er al iemand in de raad van bestuur zit die dat gedrag afwijst, durft diegene zijn nek meestal niet uit te steken uit angst voor zijn positie. Want ik heb ook ontdekt dat de controlerende werking van het bestuur een stuk minder is als er een narcist aan het roer staat.”

Hoe valt dit te voorkomen?

„Bewustwording helpt enorm. Ik pleit daarnaast voor evaluatie van de psychologische gezondheid van de topman. Zo’n rapport hoeft niet in de openbaarheid te komen, maar moet wel onderdeel vormen van de corporate governance code. Zijn collega-bestuurders, maar ook de extern boekhouder, moeten weten wat voor vlees ze in de kuip hebben.”

Dan vraag je nogal wat: ‘Beste bestuursvoorzitter, mogen we even testen hoe narcistisch u bent?’

„Misschien is dat in de praktijk lastig, maar het kan wél enorm helpen om het bestuur van een bedrijf bewust te maken van het gevaar. Het bestuur zou de narcistische persoonlijkheid van de baas kunnen evalueren en de resultaten met de toezichthouders bespreken. Als de extern accountant verklaart dat de bestuursverklaring is besproken en opgesteld, blijven de gevoelige uitkomsten besloten, maar wordt het proces transparant gemaakt”

Stel dat uit zo’n test komt: de topman is een topnarcist. Wat dan?

„Dan is dat voor het bestuur én voor de externe boekhouders een waarschuwingssignaal om hun controletaak extra kritisch uit te voeren en het bedrijf te behoeden voor fouten. Je zorgt in dat scenario dus voor betere controlemechanismen.”

Is een narcist wel voor rede vatbaar? Een van de kenmerken is dat hij overtuigd is van zijn eigen gelijk.

„Iedereen kan veranderen. Ik denk dat de topmannen die heel hard zijn gevallen, nu andere mensen zijn. Ze krijgen een klap in hun gezicht en zien daardoor de realiteit weer onder ogen. Er zijn gevallen bekend van frauderende topmannen die na hun gevangenisstraf vrijwilligerswerk gingen doen.”