De leiders op het middenveld

De „meest fundamentele herziening van ons pensioen sinds Drees senior” (dixit premier Mark Rutte) dreigt vakcentrale FNV helaas steeds dieper te verdelen. Na het fundamentele verzet van FNV Bondgenoten, en dus van de grootste vakbond binnen de grootste vakcentrale van Nederland, is nu de grootste bond in de publieke sector, AbvaKabo, aan een tegenoffensief begonnen.

Met termen als ‘onaanvaardbaar’ komt de vakbond uit op een ‘nee tenzij’ tegen het onderhandelingsresultaat dat kabinet, vakcentrales en werkgeversorganisaties hebben geboekt. Dat ‘tenzij’ staat voor een groter financieel aandeel dat werkgevers verplicht zouden moeten leveren wanneer de rendementen van beleggingen tegenvallen. Bovendien vindt de bond voor ambtenaren, onderwijzers en zorgverleners dat er meer zekerheid over de hoogte van de AOW moet komen voor de ‘zware beroepen’ en de lagere inkomensgroepen als werknemers na 2020 toch op hun 65ste met pensioen willen gaan.

Wat de AbvaKabo betreft moet FNV- voorzitter Agnes Jongerius terug naar de onderhandelingstafel. De vraag is of ze daar nog iemand zal aantreffen. Zelf zal ze er ook geen zin in hebben. Het alternatief van FNV Bondgenoten deed ze gisteren af als „luchtfietserij” en „een doodlopende weg”. Bovendien is Jongerius „trots” op het pensioenakkoord dat volgens haar het cijfer 7½ verdient.

Maar tijdens het onderhandelingsproces is er bij de FNV blijkbaar ergens iets spaak gelopen tussen de voorzitter van de vakcentrale en de bestuursleden van de twee grootste vakbonden. Dat doet denken aan het bestuursakkoord dat de voorzitter van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten, Annemarie Jorritsma (VVD), eerder dit jaar met het kabinet sloot. Ook dat gebeurde tegen de zin van een groot deel van de gemeenten, waaronder de vier grote steden. Jorritsma, de burgemeester van Almere, keerde vervolgens enigszins op haar schreden terug.

Maar er is ook een belangrijk verschil tussen het bestuursakkoord en het pensioenakkoord. De bezuinigingen waarmee de gemeenten worden opgezadeld, zijn voor een groot deel te verklaren uit de financiële crisis die het kabinet tot drastische bezuinigingen noopt. De ingrepen in het pensioenstelsel zouden ook zonder die crisis noodzakelijk zijn, wegens, samengevat, de vergrijzing en groeiende levensverwachting.

In de Nederlandse polderdemocratie doet het maatschappelijk middenveld ertoe. Regeren is een stuk lastiger als de leiders op dat middenveld, zoals Jongerius, niet de steun van hun achterban krijgen. Het is te hopen dat de leden van de FNV haar die alsnog geven. Het valt moeilijk in te zien hoe ze anders nog als voorzitter kan aanblijven.