China ontvangt Libische rebellen

Na maandenlang zwijgen heeft China vandaag met de ontvangst van een van de Libische rebellenleiders, voorzitter van de Nationale Overgangsraad Mahmoed Jibril, erkend dat de tegenstanders van kolonel Gaddafi „een belangrijke politieke macht” en „een relevante partij” zijn geworden. Jibril bezocht eerder onder meer de VS.

De voorman uit Benghazi spreekt onder anderen minister van Buitenlandse Zaken Yang Jiechi. Jibril, die voor zover bekend niet wordt ontvangen door het Politbureau, waar de architecten van het Chinese buitenlandse beleid huizen, hoopt dat China partij kiest voor de rebellen.

Op hun beurt zullen de Chinese autoriteiten er bij hem op aandringen de steeds moeizamere strijd met politieke middelen op te lossen. Net als Rusland is China tegen het militaire optreden van de NAVO in Libië. China onthield zich in de Veiligheidsraad van stemming over de Libië-resolutie.

De ontvangst van rebellenleider Jibril is opmerkelijk omdat China doorgaans geen leiders ontvangt van oppositiebewegingen in problematische landen (zoals Soedan, Birma en Noord-Korea) waarmee het vriendschappelijke betrekkingen heeft. De komst van Jibril betekent dat China er ernstig rekening mee houdt dat de rebellen de macht geheel of gedeeltelijk zullen overnemen.

In het geval Gaddafi van het toneel verdwijnt, heeft China dan alvast relaties opgebouwd met de nieuwe leiders van Libië en komt het land niet aan de zijlijn te staan, aldus Chinese commentatoren. Eerder deze maand hadden Chinese ambassadeurs in Qatar en Egypte ontmoetingen met Libische oppositieleiders en stuurde het ministerie van Buitenlandse Zaken twee topdiplomaten naar Benghazi in Libië.

Doel van de contacten is, volgens een Chinese woordvoerder in Peking gisteren, „het onderzoeken van de mensenrechtensituatie en van de situatie met betrekking tot de Chinese investeringsprojecten”. De contacten met de rebellen betekenen niet dat China de banden met kolonel Gaddafi, die in 2005 voor het laatst in Peking was, heeft verbroken of bevroren. Vorige week was de Libische minister van Buitenlandse Zaken Abdellatif Obeidi nog te gast in de Chinese hoofdstad.

Alles wijst erop dat het China te doen is om het veiligstellen van de Chinese belangen in Libië, waaronder olieleveranties ter waarde van 4,5 miljard dollar. Chinese staatsbedrijven hebben 18 miljard dollar geïnvesteerd in infrastructurele en energieprojecten in Libië, waar tot vier maanden geleden 30.000 Chinezen werkten.