Zeepbel dreigt voor kritieke aardmetalen

Er is een prijzenspiraal aan de gang in de markt voor zeldzame aardmetalen. Twee beursgenoteerde bedrijven spinnen daar garen bij.

Prijzen die de pan uit rijzen, aandelenkoersen die exploderen en een mondiale vraag die de komende vier jaar zou kunnen verdubbelen.

Alle elementen zijn aanwezig voor het ontstaan van een zeepbel op de markt voor zeldzame aardmetalen – de zogeheten rare earths, onmisbare grondstoffen voor tal van technologische producten. Twee beursgenoteerde mijnbouwers spelen daarbij de hoofdrol: het Australische Lynas en het Amerikaanse Molycorp.

De gezamenlijke beurswaarde van beide bedrijven is nu al drie keer zo groot als de totale markt voor zeldzame aardmetalen, die op dit ogenblik geschat wordt op 2,5 miljard dollar (1,8 miljard euro). Onzinnig? Hangt ervan af. Specialisten gaan ervan uit dat die markt tegen 2015 zal groeien tot circa 5 miljard dollar en ze verwachten dat de vraag in de komende twee jaar groter zal zijn dan het aanbod.

Schaarste is dus de drijvende kracht. Sinds mei is de prijs voor de minerale grondstof dysprosium, die in lasers, kernreactoren en hybride wagens wordt gebruikt, met 137 procent gestegen. Terbium, dat ondermeer in spaarlampen wordt verwerkt, ging met 128 procent de hoogte in. En neodymium, onmisbaar voor de magneetwerking van mobiele telefoons en windturbines, werd 74 procent duurder.

De prijzenhausse die eind vorig jaar los brak, zorgt voor nervositeit onder Europese handelaren. China, dat de helft van de mondiale reserves bezit, controleert op dit ogenblik circa 90 procent van het aanbod. Lynas en Molycorp bevinden zich nog in een opstartfase: de verwachting is dat zij pas tegen 2013 goed zullen zijn voor respectievelijk 15 en 25 procent van het aanbod.

Intussen heeft China de rest van de wereld het mes op de keel gezet. Het land wil de markt voor die strategische materialen in eigen handen houden. Door de exportkraan langzaam dicht te draaien, legt het enorme voorraden aan die een buffer vormen voor de eigen industrie. Dit leidt tot schaarste en hogere prijzen, waardoor nieuwe mijnprojecten in de VS, Australië en Canada economisch rendabel worden. Europa speelt hierbij geen enkele rol van betekenis. Voor de aanvoer is het oude continent – en dus ook Nederland – volledig afhankelijk van de rest van de wereld.

Mijnbouwers als Molycorp spinnen hier garen bij. Halverwege april piekte de aandelenkoers van het bedrijf op 76 dollar, circa 80 procent hoger dan begin dit jaar. Intussen is de koers teruggevallen tot 53 dollar. Zou het kunnen dat beleggers wat tot rede zijn gekomen?

Er is nu wel een acute krapte in de markt. En Lynas of Molycorp zijn de eersten om die behoefte te lenigen. Maar die krapte is tijdelijk. En er zijn ook andere kapers op de kust.

Analisten van het vakblad Technology Metals Research berekenden onlangs dat er – buiten China – meer dan 251 nieuwe mijnbouwprojecten voor zeldzame aardmetalen in ontwikkeling zijn, en dat in 24 verschillende landen. Ze selecteerden daaruit 19 mijnbouwers die al in 2015 een belangrijk deel van het mondiale aanbod zouden kunnen leveren. Met dit vooruitzicht zouden de beurskoersen van Lynas en Molycorp wel eens snel kunnen dalen.