Sektarische rellen in Belfast

In Belfast, de grootste stad van Noord-Ierland, zijn hevige rellen uitgebroken, toen gemaskerde protestante relschoppers huizen van katholieken aanvielen. Er werd met stenen en flessen gegooid. Enkele mensen zouden gewond zijn geraakt.

De oproerpolitie hield de twee kampen uit elkaar, waarna die door beide zijden werd bekogeld met stenen. Een politievoertuig is in brand gezet met een molotovcocktail. De burgemeester van Belfast laat weten dat de situatie ‘gespannen’ en ‘gevaarlijk’ is, meldt Radio 1.

De rellen braken, zo meldt persbureau AP, uit op een breuklijn tussen de twee sektarische kampen in het oosten van Belfast. Volgens katholieke woordvoerders was het geweld niet geprovoceerd, maar de protestanten zeggen dat het vergelding was voor eerdere aanvallen op hen op kleinere schaal, een nacht eerder.

Sektarische spanning groeit vaker in de aanloop naar 12 juli, de dag dat tienduizenden leden van de Oranjeorde hun marsen organiseren. Een van de eerste marsen van het seizoen, afgelopen vrijdag, draaide al op geweld uit, toen de politie leden van de orde buiten Ardoyne hield, een katholiek district waar men regelmatig de passerende protestantse parades verstoort.

De strijd tussen protestanten en katholieken is altijd hevig geweest in Belfast, vooral tijdens The Troubles tussen 1960 en 1997. De helft van alle slachtoffers in deze periode viel in Belfast. De IRA pleegde veel bomaanslagen in deze stad, waaronder op het viersterren Europe Hotel in het centrum, dat dertig keer werd getroffen door een aanslag. Sinds de wapenstilstand van 1997 is het geweld sterk gedaald, maar sektarische strijd komt sporadisch nog voor.