'De 18de eeuw is een doos bonbons'

Deborah Warners half-traditionele, half-eigentijdse enscenering van Richard Sheridans The school for Scandal kreeg furieuze kritieken in de Britse pers. Vanaf donderdag is het stuk hier te zien.

Bijna is ze geëxcommuniceerd. De Britse regisseur Deborah Warner (52), geprezen en gelauwerd tijdens haar dertigjarige loopbaan bij onder meer de Royal Shakespeare Company en het Royal National Theatre, heeft het aan de stok met de Britse theaterkritiek. Furieuze recensies kreeg ze. ‘Schandelijk’, werd het genoemd, ‘arrogant’ en ‘onbeholpen’. En wat heeft Warner misdaan? Ze brengt het toneelstuk The school for Scandal (1777) van Richard Brinsley Sheridan, trouw naar tijd en tekst, maar met eigentijdse muziek en kostuums in swingende, MTV-achtige intermezzi tussen de scènes.

Dat ziet er zo uit: bij aanvang loopt een groep jonge mensen uitdagend heupwiegend op housemuziek over een plankier de zaal in. Ze dragen Louis Vuitton tassen, en borden met tekst uit het stuk van Sheridan, als ‘Utterly undone.’ Eén voor één pauzeren ze, stoere blik naar de zaal, één heup opzij – modellen op de catwalk. Vervolgens helpen ze een vrouw uit haar skinny jeans, en in een achttiende-eeuwse hoepeljurk. Zo transformeert actrice Matilda Ziegler tot Lady Sneerwell, en kan de typisch Britse zedenkomedie beginnen.

Daarna volgt drie-en-een-half uur subliem Brits teksttoneel, met topacteurs als John Shrapnel en Alan Howard: intelligent, eloquent en ‘witty’. De twintig uitstekende acteurs spelen met verve dit wijdvertakte verhaal van manipulatie, roddel en bedrog rond rijkaard Sir Peter Teazle (Howard) en zijn jonge, ‘golddigger’ vrouw, en de broers James en Joseph Surface, die elkaar beconcurreren om een royale erfenis. Steeds wanneer van scène wordt gewisseld, neemt de MTV-jeugd het weer even over, klinkt luide muziek, en ontstaat een vrolijke chaos van disco en drank.

Absoluut een aanbeveling. Maar een revolutie? Allerminst.

„Will the Dutch like it?” informeert Warner voorzichtig na de voorstelling in het Londense theater The Barbican. „Meer dan de Britten, neem ik aan?” Zeker. In elk geval zal het Nederlands publiek niet geschokt zijn door de moderniseringen. Integendeel, het zal zich eerder afvragen waarom Warner haar eigentijdse interpretaties zo beperkt. Waarom dan niet helemaal contemporain? Warner: „Ik vind het rijker als combinatie. Het is speelser, en gelaagder: ik verwijs naar de hedendaagse mode-industrie, naar iemand als Vivienne Westwood, die zich weer laat inspireren door de achttiende eeuw. Maar vooral wilde ik visueel profiteren van die eeuw, omdat hij verrukkelijk is! Weelderig, kleurrijk, overdadig – het is een doos bonbons. En die overdaad in kostuums wordt weer mogelijk doordat ik het decor verder sober laat.”

Natuurlijk, ze vindt dat Sheridans toneelstuk net zo goed over ons gaat, als over de achttiende-eeuwse upperclass, dat maakt de modernisering duidelijk. „We voeren dit soort oude stukken op om te ontdekken wat ze in deze tijd voor ons betekenen. En dat kan alleen door ze met onze tijd te confronteren. Wat blijkt dan? We zien een maatschappij geobsedeerd door status, reputatie, mode en roddel. Het belangrijkste thema is hypocrisie, dat is nogal herkenbaar, niet? Ja, ik zie een sterke relatie tussen nu en de achttiende eeuw. Net als toen is er te veel geld, zijn de verschillen tussen rijk en arm te groot, vervelen en vermaken we ons te pletter; een decadente samenleving in verval. Maar ik wilde die boodschap er weer niet te nadrukkelijk in rammen. Ja, het gaat over ons, maar het gaat ook gewoon over toen; die gewetensrust wil ik mijn publiek ook gunnen.”

Dat ze authentiek en hedendaags zo schematisch afwisselt, is een gevolg van de structuur van het stuk, zegt ze. „Vijftien losse scènes achter elkaar, met vaak decorwisselingen ertussen, dat is vreselijk, daar moest ik iets mee doen. Die intermezzi zijn nu het bindweefsel tussen de scènes en het alternatieve verhaal; ze zijn even betekenisvol als de scènes met tekst. Daarbij zijn ze levendig en speels. Ze helpen ons opladen voor de volgende traditionele scène. Als ik dit niet zo had gedaan, was ik doodgegaan van verveling, en jij waarschijnlijk ook.”

Nu maakt ze grapjes, maar haar weerzin tegen achttiende-eeuws theater was groot. „In 2009 heb ik Bertolt Brechts Mutter Courage geregisseerd; bont, luid en uitbundig, met filminvloeden, geluidseffecten, muziek. Die voorstelling was een rockconcert. Op die weg wilde ik verder gaan, en ik zocht een stuk waarbij zo’n enscenering zou passen. Een stemmetje in mijn hoofd zei wel steeds: kijk eens naar de achttiende eeuw, maar ik wilde pertinent geen achttiende eeuws stuk regisseren, net zoals jij er waarschijnlijk nooit één hebt willen zien.”

Toen ze toch een keer Sheridan las was er meteen een klik. „Ik voelde direct hoe die eeuw moet zijn geweest: euforisch, extatisch, ongelooflijk oversekst, geëxalteerd, zelfingenomen. Het was een explosie van energie. En dat gevoel zit in die toneelstukken, als je ze tenminste niet te beleefd benaderd. Wij hebben het stuk een klein beetje ingekort, echt maar een heel klein beetje. En taal, stijl en woordkeus staan pal overeind. In de syntaxis schuilt veel van de humor, de energie. De stukken zelf zijn ver van gedateerd, ik hield alleen gewoon niet van de manier waarop achttiende-eeuws toneel hier tot nu toe werd gebracht.”

Die manier is conventioneel; klassiek, traditioneel en serviel aan het stuk. Warner: „Alles is even beleefd en elegant. Het zijn hier in de loop van tijd vaak commerciële successen geweest, maar ze weten nauwelijks een jonger publiek te bereiken. Ik heb een aantal opera’s geregisseerd, en dat heeft me ambitieus gemaakt qua spektakel. Spektakel zou niet alleen voorbehouden moeten zijn aan musical – theater heeft dat soms ook nodig. Spektakel kan het publiek verleiden, en dat is de opgave waar het theater voor staat: een nieuw publiek vinden en charmeren.”

Ze denkt dat precies dat tegen het zere been van haar criticasters was: door een nieuwe vorm te vinden voor dit stuk verwees ze de oude, geliefde vorm naar de prullenbak. „Het is nostalgie. En natuurlijk, de door hun zo geliefde versie was heus óók mooi, maar is misschien niet meer zo geschikt voor nu. Tijden veranderen en ik merk dat een jonger publiek over onze versie wel enthousiast is.”

Ze schreef een reactie op de kritiek, in The Guardian. „Dat heb ik nog nooit gedaan, maar nu voelde ik de noodzaak. Deze kritieken zouden jonge mensen ervan kunnen weerhouden om te komen kijken, en dat vind ik, gezien de uitdaging waar het theater voor staat, onverantwoord. Then again: misschien lezen jonge mensen die kranten wel helemaal niet meer. We krijgen heel goede reacties op twitter.”

’The School for Scandal’ van Richard Brinsley Sheridan in de regie van Deborah Warner; Op het Holland Festival te zien van 24 t/m 26/6, Stadsschouwburg Amsterdam. Inl.hollandfestival.nl