Verbod op rituele slacht verdeelt leden en fractie van PvdA

Vrije godsdienst en dierenwelzijn botsen binnen de PvdA. De leden willen geen verbod op ritueel slachten. Wat doet de Kamerfractie nu?

Een „hondsmoeilijk onderwerp”, dat onverdoofd rituele slachten. De zoveelste spreker bij de ledenraad van de PvdA gaf het direct toe. Maar hij vond het geen excuus voor het onzorgvuldige handelen van de PvdA-fractie. „De sociaal-democratie ontleent haar kracht aan twee dingen: we zetten kleine stappen naar grote dingen. En als we een maatschappelijk conflict zien, brengen we kampen bij elkaar.” Juist die zaken had de fractie nagelaten, vond de spreker. Hij was niet de enige.

Dus was gisteren de ledenraad van de PvdA in Utrecht bijeengekomen om de fractie terecht te wijzen. Die wil een wetvoorstel van de Partij voor de Dieren steunen dat onverdoofd ritueel slachten verbiedt. De ledenraad nam een motie aan om dat wetsvoorstel „zonder voorbehoud” te verwerpen. Woensdag debatteert de Kamer over het voorstel.

De fractie mag dierenwelzijn boven godsdienstvrijheid plaatsen, met die keus waren de aanwezigen het allerminst eens. Anderhalf uur sprak de ene na de andere aanwezige zich tegen de fractie uit. Ze vonden het wetsvoorstel „disproportioneel”. Waarom was er alleen aandacht voor het dierenlijden in de ene minuut vóór de dood, terwijl er niets gebeurt aan de bio-industrie? Een man: „We schieten met een kanon op een mug, dierenleed wordt heel beperkt verminderd, maar het leidt tot enorme emoties in de samenleving.”

Een vrouw: „Waar blijft de scheiding van kerk en staat? Nu staan we in de keuken, straks in de slaapkamer.” Een andere vrouw: „De fractie schermt met onderzoek dat ritueel slachten extra lijden veroorzaakt. Maar de wetenschap is helemaal niet eenduidig.” Een militair: „Wij leren godsdienst en cultuur in andere landen te respecteren. Laten we dat ook eens in Nederland doen.”

Kamerlid Martijn van Dam verdedigde de fractie kort. Hij vond wetenschappelijk vaststaan dat dieren meer lijden door onverdoofde slacht. En natuurlijk moest er ook aandacht komen voor al het andere dierenleed, maar dat was geen reden om ritueel slachten te blijven toestaan.

Een enkel Kamerlid probeerde achteraf de uitkomst te bagatelliseren. Oké, 57,5 procent van de ledenraad steunde het fractiebesluit niet. Maar er waren vooral tegenstanders komen opdagen, moslims en joden. Representatief was het dus niet. Een staaltje wensdenken: ook de meerderheid van de regionale afdelingen sprak zich tegen de fractie uit. En een substantieel deel van de sprekers meldde expliciet ongelovig te zijn.

Dat de PvdA de gevoeligheden heeft onderschat, blijkt wel uit de interne fractienotitie uit april over de kwestie. De principiële vraag hoe je het grondrecht op een vrije godsdienstbeleving afweegt tegen dierenwelzijn, wordt in één zin afgedaan. „Religie mag geen vrijbrief zijn tot het (mogelijk) laten lijden van dieren.” En, als om te bevestigen dat er eigenlijk geen religieuze bezwaren kúnnen zijn: „Religieus slachten wordt als zodanig niet verboden, als het maar verdoofd gebeurt.” Terwijl voor veel moslims en joden juist verdoving tegen hun religie indruist.

Na afloop bleef onduidelijk welke gevolgen de ledenraad zal hebben. Partijleider Job Cohen beloofde de uitspraak als een „zwaarwegend advies” te beschouwen, en dat de fractie nog een definitief standpunt moest innemen. Meer zei hij er niet over.

Het voorstel van de Partij voor de Dieren kon zich eerder nog op een grote meerderheid verheugen. Alleen CDA, ChristenUnie en SGP waren tegen. Nu kampen naast de PvdA ook voorstanders D66 en VVD met interne tegenstand. De steun voor de Partij voor de Dieren wankelt.