Moeder van de Sovjetdissidenten

Samen met haar man Andrej Sacharov was Jelena Bonner het hart van de Russische dissidentenbeweging. Vanuit hun krappe flat in Moskou streden ze voor vrijheid.

„Met haar dood komt er een einde aan een tijdperk van dissidenten, die hun leven en vrijheid op het spel zetten en eenzaam hun stem verhieven tegen een totalitair regime.” Dat zei gisterochtend mensenrechtenactivist Ljev Ponomarjov op de Russische radio, nadat bekend was geworden dat Jelena Bonner, de weduwe van dissident en Nobelprijswinnaar Andrej Sacharov, op 88-jarige leeftijd in Boston was overleden.

Bonner, die al sinds februari ernstig ziek was en zaterdagmiddag aan hartfalen bezweek, bleef tot op het laatst opkomen voor eerbiediging van de burgerrechten en de democratie in het postcommunistische Rusland. Ze kritiseerde in de jaren negentig de bloedige oorlog die president Jeltsin in het opstandige Tsjetsjenië voerde. En in 2010 zette zij nog als eerste haar handtekening onder een petitie van de Russische oppositie waarin het aftreden van premier Poetin werd geëist.

Sinds de jaren zeventig was ze samen met haar tweede echtgenoot Andrej Sacharov, de vader van de Russische waterstofbom, de drijvende kracht achter de Russische dissidentenbeweging. Vanuit hun krappe flat in Moskou zetten ze zich in voor het lot van politieke gevangenen en hun kinderen. Zelf was ze al sinds de jaren zestig actief als mensenrechtenactivist. Maar nadat ze in 1970 Sacharov tijdens een dissidentenproces had leren kennen en twee jaar later met hem trouwde, verwierf ze internationale bekendheid.

Beide activisten werden constant onder druk gezet door de autoriteiten. Tegen Bonner begon de KGB een lastercampagne. De „Jodin” Bonner zou een buitenlandse spion zijn, die haar wereldvreemde, naïeve man tot anti-Sovjetactiviteiten aanzette en daar haar eigen, duistere bedoelingen mee had. Die belasteringen sterkten beiden echter in hun vastbeslotenheid te blijven oproepen tot meer persoonlijke vrijheid voor de burgers van de Sovjet-Unie.

Toen Sacharov in 1975 de Nobelprijs voor de Vrede kreeg toegekend voor zijn activiteiten, maar voor de plechtigheid het land niet mocht verlaten, ging Bonner, die voor een behandeling aan haar ogen in Italië was, naar Oslo om de prijs op te halen. Het jaar daarop richtte ze samen met enkele andere vooraanstaande dissidenten de Moskouse Helsinki Groep op, die tot op de dag van vandaag voor de mensenrechten in Rusland opkomt.

In januari 1980 werd Sacharov naar Gorki (het huidige Nizjni Novgorod) verbannen, nadat hij in interviews had geprotesteerd tegen de Russische inval in Afghanistan. Bonner volgde hem vier jaar later, nadat ze was veroordeeld wegens belastering van de staat. Tot die tijd functioneerde ze als koerier, die Sacharovs geschriften van Gorki naar Moskou bracht. Onder Gorbatsjov mochten ze in 1986 naar Moskou terugkeren. Daar zetten ze hun activiteiten als mensenrechtenactivisten samen voort tot aan de dood van Sacharov in 1989, twee jaar voor het uiteenvallen van de Sovjet-Unie.

Bonners leven werd al vroeg gekenmerkt door onderdrukking. Haar Armeense vader was een partijbons die in 1937 in Moskou tijdens Stalins Grote Terreur werd gearresteerd en het volgende jaar geëxecuteerd. Haar Joodse moeder bracht acht jaar door in concentratiekampen. Daarna werd ze tot aan haar rehabilitatie in 1954 verbannen.

Bonner en haar broer werden ondergebracht bij hun grootmoeder in Leningrad. In de oorlog diende ze als verpleegster aan het front. Daar raakte ze gewond aan haar hoofd, waardoor ze de rest van haar leven oogproblemen had.

Toen ze in december 2010, gekweld door hart- en oogkwalen, niet meer naar Moskou kon komen om aan een demonstratie van de oppositie deel te nemen, stuurde ze vanuit Amerika een toespraak op die tijdens het protest werd voorgelezen. In ontroerende woorden vroeg ze daarin als een deelnemer aan de demonstratie te worden beschouwd. „Doe maar net alsof ik ben gekomen, opnieuw om mijn vaderland te redden, hoewel ik niet kan lopen.”

Bonner wordt in Boston gecremeerd. Daarna wordt haar as naar Moskou overgebracht en bijgezet in het graf van haar man, Andrej Sacharov.