Lemic is terug om te helpen

Het klonk bijna als een overwinning. Marcel Brands, technisch directeur van PSV, liet tussen neus en lippen door weten dat de voetbalclub weer zaken doet met Vlado Lemic, de Servische bemiddelaar die in 2008 door toenmalig directeur Jan Reker de deur werd uitgewerkt. Lemic dook vorige zomer al op door te helpen bij de transfer van Carlos Salcido van PSV naar Fulham. En hij bemiddelde onlangs bij de transfer van Balázs Dzsudzsák naar Anzji Machatsjkala. Een poging Piet de Visser weer aan de club te verbinden mislukte. De scout wilde een grotere vergoeding dan het noodlijdende PSV in gedachte had. Oud-technisch manager Stan Valckx schijnt nog niet gepolst te zijn voor een terugkeer.

Waar is het collectieve geheugen van PSV? Reker maakte drie jaar geleden toch schoon schip door na tal van incidenten afscheid te nemen van Lemic, De Visser en Valckx? De zaak escaleerde toen publiekslieveling Gomes door Lemic tegen Reker was opgezet. De Serviër had zoveel bewegingsvrijheid bij aan- en verkoop van spelers dat de zaak uit de hand dreigde te lopen. Valckx verdiende door een constructie in zijn contract mee aan transfers. Naar de buitenwacht werd geschermd met successen: Gomes, Alex en Kezman. Maar Lemic was bij zeker twintig spelers zakelijk betrokken. Van velen werd weinig vernomen. Neem de Braziliaan Leandro do Bonfim die acht miljoen euro kostte. Lemic verdiende meer dan vijftien miljoen aan PSV.

En Lemic leverde niet altijd vakwerk. Zo diende hij spookrekeningen in bij de aankoop van Timmy Simons. Of hij verzon dat Alex gewild was bij Inter stond om diens salaris op te schroeven. „Lemic zocht”, stelde oud-voorzitter Rob Westerhof, „telkens naar een mogelijkheid om een factuur in te dienen. Zelfs als hij niets met een deal te maken had. Dat is jarenlang geaccepteerd.”

Lemic is alles vergeven. Als de Serviër maar geld binnenhaalt voor het armlastige PSV, dan mag hij zelf ook wat verdienen. Of is zijn hulp onbezoldigd?

Koen Greven