Hoe is 't eetpatroon veranderd?

Wereldwijd hebben mensen de afgelopen twee jaar hun eetpatroon aangepast door de voedselcrisis. Dat concludeert Oxfam Novib uit een onderzoek in zeventien landen en onder 16.421 mensen. Zo zeggen de ondervraagden onder meer dat: de prijs het belangrijkst is bij de aanschaf van eten (66 procent), 53 procent niet hetzelfde eet als twee jaar geleden en 29 procent zegt dat dat komt omdat het voedsel nu te duur is.

Belangrijk om hierbij te vermelden is wel dat het met name mensen uit arme landen zijn die bepaalde producten niet meer kopen. En Oxfam heeft een doel met dit onderzoek: de hulporganisatie wil duidelijk maken dat er iets moet veranderen in ons voedselsysteem. Een miljard mensen lijden honger terwijl er voldoende eten beschikbaar is.

In het Westen en in Nederland, zegt Michiel Vergeer van het CBS, valt het allemaal best wel mee met de effecten van de voedselcrisis op het bestedingsgedrag. De resultaten uit het Oxfamonderzoek komen in elk geval niet overeen met zijn bevindingen. Over langere tijd is te zien dat de voedselprijzen in de winkel ongeveer gelijk stijgen met de inflatie. Ook geven we niet veel meer of minder aan ons eten uit. We spenderen gemiddeld op jaarbasis 4.775 euro aan eten en drinken. Dat is inclusief etentjes buiten de deur en drank in de kroeg. Het meest besteden we, na etentjes, aan ‘suikerhoudende artikelen en dranken’ (zoals suiker, zoet broodbeleg, chocolade). De lichte daling in onze uitgaven in 2009 had met name te maken met de financiële crisis. Maar die gevolgen zijn veel sterker te zien in de uitgaven aan ‘duurzame goederen’ (auto’s, meubels).

Niet dat er geen voedselcrisis is. Maar in Nederland is de prijs van de grondstof slechts een klein percentage van de uiteindelijke prijs van het product. Daarin zijn ook nog de kosten voor onder meer distributie, verpakking en het verkoopkanaal meegenomen. En de effecten zijn vertraagd zichtbaar omdat winkeliers langdurige contracten afspreken met leveranciers.

In ontwikkelingslanden zijn de gevolgen direct zichtbaar in de prijs die mensen moeten betalen voor hun eten. De distributiemarkt is ook de afzetmarkt. Valt de oogst tegen, dan stijgt de prijs. En dat heeft meteen grote gevolgen voor hun levensstandaard, omdat soms wel zo’n 50 procent van hun inkomen opgaat aan voedsel.