En hoe zit het bij de andere partijen?

GroenLinks: UvA en Nijmegen

Het ‘wetenschappelijk bureau van GroenLinks’, noemen Jonge Socialisten de vakgroep sociologie aan de UvA graag grappend. Misschien komt het door hoogleraar Evelien Tonkens, oud-Kamerlid voor GroenLinks. GroenLinks telt vijf geschoolde sociologen: 10 procent van alle academici, inderdaad relatief veel (de PvdA blijft steken op 5 procent). Verder valt op: na Amsterdam is Nijmegen (waar linkse partijen het vanouds goed doen) de populairste studiestad.

D66: rechten in Leiden

Stefan Pack (25) studeert rechten in Leiden en is liberaal, maar leeft in een andere wereld dan die van studiegenoot en JOVD’er Ewout Zwaaneveld. Pack zit bij de lokale afdeling van D66. „Van de studie rechten ken ik nog een handvol D66-leden. Zij zijn net als ik geen lid van Minerva”, vertelt hij aan de telefoon. Pack is zevendejaars student, en derdejaars rechten. „ Het politiek bewustzijn is hier groot. Ook docenten zijn vaker actief bij politieke partijen.”

SP, PVV: de niet-academici

Bij de SP en de PVV zitten de meeste selfmade politici. Van alle politici heeft gemiddeld 70 procent een universitaire opleiding. Bij de SP is dat 63 procent, bij de PVV 52. Jan Marijnissen, oud-partijleider van de SP, was worstenmaker en lasser, zijn opvolger Emile Roemer onderwijzer. De PVV is de enige partij waar het totaal aantal gedane hbo-studies (20) het aantal academische studies (16) overtreft. Wilders haalde deelcertificaten rechtsgeleerdheid aan de Open Universiteit.