Tv-idee klonen: iedereen doet het in Hilversum

Geregeld stelen programmamakers tv-formats van elkaar. Oplossingen zijn moeilijk te vinden. „Als een nieuw programma scoort en een producent komt er juridisch mee weg, dan zal dit pikken blijven doorgaan.”

Kies maar. De Boerenbruiloft van RTL of Boer zoekt Vrouw van de KRO? De TROS Autoshow of liever de Nationale Autoshow van BNR?

Wordt er in Hilversum nog wel iets origineels bedacht? Steeds vaker verschijnen soortgelijke programma’s op radio en televisie. Zenders betichten elkaar van plagiaat, bij producenten onderling wordt eindeloos geroddeld wie welke kloon van welk format heeft gemaakt. Volgens programmamaker Ton Lankreijer (58) is er in Hilversum een ‘ware formatoorlog’ uitgebroken. „Iedereen pikt, kloont en kopieert van elkaar. Of het nu gaat om reality-tv of een talkshow, televisieproducenten als Blue Circle, Eyeworks of Endemol proberen alle mogelijke combinaties uit en kijken alles van elkaar af.” Komt SBS6 met Groeten uit de rimboe?, dan volgt de KRO met Hier slapen jullie. Komt RTL 4 met het dansprogramma Dancing with the Stars, dan presenteert SBS6 Sterren dansen op het ijs. „Een nieuwe show draait vaak om hetzelfde thema, maar moet voldoende afwijkende elementen bevatten om geen rip-off te zijn”, zegt Lankreijer. „In het geval van Hier slapen jullie wordt de rimboe bijvoorbeeld vervangen door een sloppenwijk.”

Opvallend is dat verschillende formats soms worden ontwikkeld door hetzelfde productiehuis. „Eyeworks heeft zowel Groeten uit de rimboe? als Hier slapen jullie bedacht. Vervolgens wordt het weer gepitcht bij verschillende zenders.”

Lankreijer, voorheen werkzaam als eindredacteur voor RTL Nieuws en Boer zoekt vrouw, werd in 2006 zelf van plagiaat beticht. Zijn programma Schoondochter gezocht, waarin vrijgezellen die nog bij hun ouders wonen op zoek gaan naar een vrouw, zou een kloon zijn van Boer zoekt vrouw. „Op het moment dat de eerste aflevering werd uitgezonden brak de pleuris uit. Monica Galer, destijds directeur van productiebedrijf Blue Circle waar Boer zoekt vrouw was ondergebracht, zette de netmanager onder druk. Als mijn programma niet van de televisie werd gehaald, dreigde ze Boer zoekt vrouw weg te halen bij de KRO.” Schoondochter gezocht werd na de eerste reeks stopgezet. Inmiddels heeft RTL het gloednieuwe programma Wie trouwt mijn zoon aangekondigd. „Curieus is dat producent Eyeworks ook al eerder Schoondochter gezocht ontwikkelde. Het maakt nu dus weer een kloon van een oud idee.”

Niet alleen binnen maar ook buiten de muren van Hilversum hebben medewerkers last van ‘de formatoorlog’. André Hooijer (36), software-ontwikkelaar bij een bedrijf in Emmen, bedacht vorig jaar een programma voor de ‘kijkerspitch’ van TV Lab, een experiment van Nederland 3. „Mensen mochten een format inzenden, kijkers konden vervolgens stemmen op het beste programma.” Het voorstel van Hooijer, getiteld Uit het nieuws, uit het hart, over vergeten mensen in het nieuws, haalde de finale. Een kort filmpje, waarin zijn idee werd uitgelegd, werd uitgezonden. „Een klein jaar later zag ik op tv ineens het EO-programma Hoe is het toch met... langskomen. Dat leek wel heel sterk op mijn idee.” Via ochtendblad Spits probeerde Hooijer te achterhalen hoe zijn tv-format bij de EO terecht was gekomen. „De redactie van Spits heeft gebeld met het productiebedrijf van de EO. Zij beweerden dat ze dit idee al veel langer op de plank hadden liggen. Ik heb verder niet geprotesteerd.”

Ralf Wildeboer (36), producent en freelance regisseur, maakte in 2006 voor RTV Noord-Holland het wekelijkse trouwprogramma De mooiste dag. „Een programma met een knipoog”, vertelt Wildeboer. „Ik belde aan, stelde vragen aan de bruid en filmde de zenuwachtige bruidegom en de humeurige schoonvader.” Toen Wildeboer bezig was met de laatste uitzendingen, kwam Talpa van John de Mol met De bruiloft van... „Dat programma was serieuzer van opzet en met een spelelement. Maar toen ik het zag, heb ik me toch wel even achter de oren gekrabd.”

Wildeboer liet de zaak liggen. „Ik kon niks bewijzen. Bovendien is het volgen van een bruiloft nauwelijks een format te noemen. Als ik was gaan procederen, had ik uiteindelijk aan het langste eind getrokken. Talpa heeft miljoenen, ik slechts een paar duizend euro. Bovendien sta ik als freelancer in een afhankelijke situatie. Als ik in de toekomst een opdracht bij Talpa krijg, wil ik niet te boek staan als een lastpak. Ik moet ook mijn hypotheek betalen.”

Alice Oppenheim, (72), voormalig televisieomroepster en radiopresentatrice van de AVRO, trok aan de bel kort nadat ze een aantal afleveringen had gezien van Hello Goodbye. In dit programma, geproduceerd door Blazhoffski en sinds 2005 uitgezonden door de NCRV, vraagt presentator Joris Linssen op Schiphol mensen naar hun persoonlijke verhalen over ontmoetingen en herenigingen. „Een regelrechte kopie van Jumbo-set, het radioprogramma dat ik in 1972 verzon en waarbij ik mensen wekelijks op Schiphol interviewde”, zegt Oppenheim. Ze kaartte de kwestie meerdere malen aan bij Dan Blazer, directeur van Blazhoffski en bij de NCRV. In juni vorig jaar ontving ze een brief waarin Coen Abbenhuis, algemeen directeur van de NCRV, en Dan Blazer, directeur van Blazhoffski, haar ervan verzekerden dat iedere gelijkenis tussen Jumbo-set en Hello Goodbye ‘berust op toeval’. „Wij zijn geen bedrijf dat ideeën steelt”, aldus Blazer, die claimt dat hij het radioprogramma van Oppenheim nooit heeft gehoord. „Wij willen juist oorspronkelijke programma’s maken.” Blazer zegt het concept van Hello Goodbye zelf te hebben bedacht. „We hadden eerst een idee ontwikkeld voor een programma rond een bloemenstal. Dat concept vond ik uiteindelijk te braaf. Toen kwam ik met het idee voor een vliegveld. Dat werkte wel. Dat Hello Goodbye uiteindelijk zo succesvol is geworden heeft vooral te maken met het talent van Linssen in combinatie met de manier waarop het programma is gefilmd en gemonteerd.”

Oppenheim kan zich nog steeds boos maken over de kwestie. „Producenten en omroepen zijn niet alleen dieven maar ook helers. De meeste programma’s die zij uitzenden zijn of gejat of gekocht in het buitenland en vervolgens juridisch goed vastgelegd. Het gaat me aan het hart dat jonge creatievelingen op dit moment weerloos staan tegenover de grote producenten.”

Kan een freelance-regisseur of programmamaker zijn of haar ideeën eigenlijk wel beschermen? „Ik loop nu al twintig jaar mee in Hilversum, maar ik heb nog nooit gehoord dat je een concept voor een programma juridisch kan vastleggen”, zegt Lankreijer. „Als maker zoek ik wel naar manieren om mijn ideeën te beschermen, maar uiteindelijk roept iedereen in Hilversum dat het weinig zin heeft.” Volgens advocaat Kamiel Koelman, gespecialiseerd in intellectuele eigendomsrechten, is het lastig om een tv-format juridisch te beschermen. „Als je een idee hebt voor een datingshow met boeren, valt dit niet onder het auteursrecht. Ook met een datumstempel van de notaris of de belastingdienst is zo’n idee nog niet beschermd.”

De uitwerking van een idee voor een programma kan volgens Koelman wel beschermd zijn als het voldoende origineel is. Alleen de auteur van een uitgewerkt format, liefst met script of zelfs pilot, maakt kans om een rechtszaak tegen een imitator te winnen. „En dan alleen als er genoeg oorspronkelijke elementen zijn overgenomen van het origineel”, zegt Koelman. „Hoe groter de verschillen, des te groter kans dat de eiser niet in het gelijk zal worden gesteld.” Volgens Oppenheim zijn tv- formats nog steeds ‘vogelvrij’ in vergelijking met andere creatieve producten zoals boeken of filmrechten. Ze pleit voor het instellen van een goed bewaakte databank, waarin alle concepten van tv-programma’s zijn opgenomen, voorzien van een datumstempel en de gegevens van de bedenker. „Je zou zo’n databank kunnen opnemen als onderdeel van de huidige auteurswet.” De bedoeling is dat een producent met een idee voor een nieuw programma eerst nagaat of dat format niet al bestaat. „Door de databank te raadplegen kan een programmamaker de oorspronkelijke bedenker van een plan terugvinden. Vervolgens kan er met de bedenker worden onderhandeld over de auteursrechten. Ik zou het terecht vinden als de oorspronkelijke auteur uiteindelijk een deel krijgt van de opbrengsten van zo’n nieuw programma.”

Koelman noemt dit plan ‘waarschijnlijk niet levensvatbaar’. „Op het jatten van een geregistreerd format komt geen sanctie te staan. Als je een idee in een databank deponeert, is het daarmee nog niet auteursrechterlijk beschermd. Het plan kan dus alleen werken als iedereen zich er vrijwillig aan houdt. Bovendien is Nederland gebonden aan een internationaal verdrag dat het niet toestaat om dergelijke formaliteiten te verbinden aan het verkrijgen van auteursrecht.”

Oppenheim wuift die argumenten weg. „Leden van de Tweede Kamer zouden nieuwe regels moeten gaan maken. De huidige wetgeving komt uit de vrije sector, dat zijn advocaten die er belangen bij hebben om geld te verdienen aan grote producenten.” Wildeboer ziet echter geen uitweg. „Als een nieuw programma scoort en een producent komt er juridisch mee weg, dan zal dit formatpikken blijven doorgaan. Bij televisiemakers draait het nu eenmaal altijd om eigenbelang.” Lankreijer heeft evenmin een oplossing. „Meer openheid, dat is het enige. We moeten in Hilversum ophouden met die hypocrisie en gewoon openlijk toegeven dat we met z’n allen een copy-paste-gedrag najagen. Dan hebben we al een stuk minder problemen.”