De Hedwigepolder blijft toch droog staan

Het kabinet weigert definitief de Hedwigepolder in Zeeuws-Vlaanderen onder water te zetten. De ministerraad heeft gisteren ingestemd met een voorstel van staatssecretaris Bleker (Landbouw, CDA) om op andere plaatsen de verplichte 300 hectare natuur te vinden.

Bleker heeft nog geen overeenstemming over het plan met Vlaanderen, dat over natuurherstel eerder met Nederland een verdrag sloot. „Het belangrijkste is om Vlaanderen als verdragspartner aan onze zijde te krijgen”, aldus Bleker. De Vlaamse minister-president Peeters liet gisteren in een reactie weten dat er een „probleem” is. „De verdragen moeten gerespecteerd worden.” Het is nu onzeker of Vlaanderen de eerder beloofde 60 miljoen euro voor de plannen nog zal betalen. „Ik ga daar wel van uit”, aldus Bleker. Als hij gelijk krijgt, is zijn plan ‘slechts’ 35 miljoen euro duurder dan het onder water zetten van de Hedwigepolder, namelijk 150 miljoen euro.

Ook heeft het kabinet nog geen fiat van de Europese Unie. Er is wel overlegd met Eurocommissaris Potocnik (Milieu), maar die zei gisteren dat er „geen overeenkomst” bestaat. „Ik stel vast dat in het verleden de zoektocht naar alternatieven herhaaldelijk heeft gefaald.”

Het kabinet wil in plaats van de 300 hectare grote Hedwigepolder een kleiner, 150 hectare groot terrein ten oosten van Vlissingen onder water zetten. Het gaat om de Welzingepolder en Schorerpolder bij Rammekenshoek. Dat gebied was al eerder bestemd voor natuur, als compensatie voor de mogelijke aanleg van de Westerschelde Container Terminal, een uitbreiding van de haven van Vlissingen. Hoe de aanleg van deze terminal straks dan wél gecompenseerd moet worden, is onduidelijk. De Zeeuwse commissaris van de koningin Peijs: „Misschien kan de terminal zó worden aangelegd, dat compensatie niet nodig is.”

Ook worden op drie plaatsen in het water van de Westerschelde bestaande schorren en slikken „verbeterd en vergroot”. Dat moet volgens het kabinet tussen de 57 en 123 hectare opleveren. Die plaatsen zijn de Appelzak bij het Rijn-Scheldekanaal, de Slikken van Hulst en de Platen van Ossenisse. Opmerkelijk is dat een plan voor nieuwe natuur in de Westerschelde twee jaar geleden door Grontmij nog als onvoldoende werd beoordeeld. Die conclusie was voor het toenmalige kabinet-Balkenende aanleiding om de zoektocht naar alternatieven te staken. Nu komt instituut Deltares met een andere vorm van nieuwe natuur in het water, namelijk de aanleg van slikken. Bleker: „Zo staat het in het rapport. Daar is een second opinion op losgelaten. Het is een goed rapport.”

De alternatieven zouden goed zijn voor 70 tot 90 procent van de vereiste 300 hectare ‘estuariene natuur’. Naar de ontbrekende hectares wil het kabinet pas over enkele jaren zoeken.

Vogelbescherming Nederland is ontevreden over het alternatief en stapt definitief naar de rechter.