Sneller afwijzen is beter

De Nederlander Rob Visser gaat er vanuit een nieuw agentschap in Malta op toezien dat EU-landen de asielregels op dezelfde manier gebruiken. „Ik werk niet voor één lidstaat.”

Minister Gerd Leers (CDA) van Asiel en Migratie was er al maanden geleden trots op: een Nederlander, Rob Visser, wordt directeur van een nieuw Europees agentschap dat de 27 EU-landen helpt als er problemen zijn bij de komst en opvang van migranten. Dit weekeinde wordt het kantoor – in Malta – geopend. „Rob Visser”, zei Leers na een EU-vergadering, „zit straks op een plaats die heel belangrijk is voor Nederland.”

Minstens zo belangrijk ook voor Griekenland. Dat maakt economisch, maar ook wat betreft migratie een crisis door – sinds de komst van nieuwe vluchtelingen uit Noord-Afrika is dat een thema dat de politieke samenhang in Europa, net als de eurocrisis, onderuit dreigt te halen. Het EU-agentschap heeft al experts in Griekenland die adviseren over een nieuwe asiel- en opvangdienst.

De nieuwe baan van oud-Justitieambtenaar Rob Visser viel ook in andere EU-landen op. Bij het onderwerp ‘vreemdelingen’ krijgt Nederland de reputatie van een hard en op zichzelf gericht land. In de dienst voor het Europees buitenlands beleid heeft Nederland nog maar weinig belangrijke functies. Maar deze directeursfunctie in Malta haalde Nederland toch binnen.

In een café in Brussel, net voor zijn vertrek naar Malta, zegt Rob Visser (56) met een grote glimlach wat Leers volgens hem bedoeld moet hebben met die ‘belangrijke plaats’: „Dat het mooi is dat ik hier zit voor de hele EU. Ik werk niet voor één lidstaat.”

De belangrijkste taak van het agentschap, de ‘European Asylum Support Office’, is: voor elkaar krijgen dat alle EU-landen de Europese asielregels op dezelfde manier gebruiken. Dan moet het voor vluchtelingen niet uitmaken of ze in Griekenland of België asiel aanvragen.

„Er moet meer onderlinge coördinatie zijn”, zegt Visser, „waardoor je in noodsituaties minder incidenten hebt. Je kunt beter de dijken verhogen dan repareren. Dan bedoel ik niet dat Europa een fort moet worden, maar dat het gezamenlijke kwaliteitsniveau in asielprocedures en opvang omhoog moet.”

Is het doel dat er door betere coördinatie minder migranten komen?

„Als de regels beter worden toegepast, is het denkbaar dat er minder mensen komen die géén recht hebben op asiel. Betere kwaliteit betekent ook: mensen snel afwijzen als ze geen recht hebben om te blijven. Het hoort bij respect voor mensenrechten dat je mensen niet lang in onzekerheid laat. Hét dilemma voor Europa is dat we vluchtelingen niet willen weren, maar dat er bij de mensen die binnenkomen ook veel zijn die geen bescherming nodig hebben.”

Muziek in de oren van minister Leers?

„Als alle ministers willen dat de kwaliteit in de asielopvang verbetert, is dat geweldig voor mijn werk.”

Kan het ook dat er méér vluchtelingen naar Europa komen als de opvang in landen als Griekenland verbetert?

„Sinds de UNHCR projecten heeft in Griekenland worden daar inderdaad meer mensen toegelaten. Maar daarvóór was het aantal ingewilligde asielverzoeken extreem laag. En het gaat om mensen van wie we allemaal vinden dat ze mogen blijven.”

Beïnvloedt het uw werk dat migratie politiek zo gevoelig ligt in Europa?

„Ik weet niet hoe het zal zijn als de polarisatie toeneemt, maar nu stoort het me niet. Ik begrijp dat er discussie over is. Er wordt vaak gezegd dat migratie van alle tijden is, maar er is nu wel meer van dan vroeger en het wordt niet minder. We kunnen maar beter leren om er goed mee om te gaan. Ik ben wel bezorgd als er wordt gediscussieerd op basis van weinig analyse of verkeerde informatie.”

Waar ziet u dat?

„Het is opvallend dat de veiligheid in landen van herkomst, Afghanistan bijvoorbeeld, in Europa zo verschillend wordt beoordeeld. Een van onze opdrachten is om tot een gemeenschappelijke analyse te komen over de veiligheid in landen waar veel migranten vandaan komen.”

Is het dan niet meer de bedoeling dat landen dat zelf doen en op basis daarvan mensen terugsturen?

„Het zal dan een gezamenlijke analyse zijn, van de hele EU.”

Maar wat als een nieuwe regering zegt: ‘Wij beslissen dat weer zelf’?

„Dat is politiek. Daar kan ik geen antwoord op geven.”

Heeft u last van de harde reputatie van Nederland als het over vreemdelingen gaat?

„Ik heb niet de indruk dat het op mij afstraalt. Ik krijg vragen over Nederland, maar ik werk er niet meer, ik heb er niet veel over te zeggen. Ik maak een rondje langs lidstaten en was bij Leers. In veel landen word ik door ministers ontvangen. Dat zegt iets over het belang dat ze hechten aan dit agentschap. De verwachtingen zijn griezelig hoog gespannen.”

Wat verwachten ze?

„Dat alle problemen worden opgelost die zich voordoen bij migratie.”

Gaat uw dienst vluchtelingen over Europa verdelen als de last voor één land te groot wordt?

„Als politici zo’n beslissing nemen, voeren wij die uit.”