Sarkozy en Merkel: bijdrage banken Griekse crisis vrijwillig

Bondskanselier Merkel en president Sarkozy willen dat de private bankensector een bijdrage levert aan steun voor Griekenland, „maar alleen, en dat zeg ik met nadruk, op basis van vrijwilligheid”, aldus Merkel vanmiddag.

Een paar uur eerder in Athene had premier Papandreou, in het nauw gedreven door brede kritiek op zijn bezuinigingskoers, een nieuwe minister van Financiën gepresenteerd.

Sarkozy was in Berlijn om het Europese topoverleg voor te bereiden dat volgende week in Brussel over de crisis in Griekenland wordt gehouden. Athene kan, als er geen nieuw Europees geld komt, binnen enkele weken waarschijnlijk niet meer aan zijn betalingsverplichtingen voldoen.

Merkel en Sarkozy probeerden op een gezamenlijke persconferentie grote eensgezindheid uit te stralen en daadkracht. „We verschuiven de problemen niet naar september. We moeten ze nu oplossen. Hoe eerder hoe beter”, zei Merkel.

Duitsland wilde aanvankelijk meer dwang gebruiken om de private sector bij een oplossing van de Griekse crisis te betrekken. Frankrijk was daartegen. Ook Nederland vindt dat de bankensector „substantieel” moet bijdragen, schreef eerder deze week minister De Jager (Financiën) aan de Tweede Kamer. Merkel en Sarkozy zeiden vanmiddag dat een eventuele deelname van de banken „in goede afstemming met de Europese Centrale Bank zal gebeuren”.

In het nieuwe Griekse kabinet hebben vakministers plaatsgemaakt voor politici met veel gewicht binnen de partij. Het belangrijkste voorbeeld daarvan is op Financiën. De daar vertrekkende minister, George Papaconstantinou, heeft een solide reputatie op de financiële markten en in Brussel, maar is in Griekenland zeer impopulair en wordt gezien als een kille bezuiniger.

Papaconstantinou wordt vervangen door een oude rot uit de partij, Evangelos Venizelos, de huidige minister van Defensie. Hij is jurist, geen financieel expert, maar mogelijk wel in staat genoeg partijkader te overtuigen vóór de bezuinigingen en privatiseringen te stemmen die met het IMF, de EU en de ECB zijn overeengekomen. Vraag is wel of hij ze dan ook kan doorvoeren.

De herschikking van het kabinet is vooral een politiek compromis, geen inhoudelijke koerswijziging. De politieke controverse over de bezuinigingsplannen verdwijnt er niet mee.

China volgt de ontwikkelingen met argusogen. Volgens viceminister van Buitenlandse Zaken Fu Ying is het voor China „van vitaal belang” dat de eurocrisis wordt overwonnen en de economie in de eurozone weer aantrekt.

Alles is politiek: Pagina 2-3