Iedere regio wil eigen orkest behouden

Nieuwsanalyse orkesten

Voor de orkesten bood de brief van staatssecretaris Zijlstra niet de beloofde „heldere keuzen”. Zijlstra verlegt verantwoordelijkheid naar provincies en gemeentes.

Lees nog maar eens terug hoe stroef het Nederlands Philharmonisch vijfentwintig jaar geleden van een fusieorkest een eenheid werd. Dan snap je waarom orkesten nu alles liever willen dan fuseren. Minder subsidie? Slim samenwerken? Strengere eisen aan eigen inkomsten en publieksbereik? Met alles valt te leven.

In zijn brief aan de Tweede Kamer zegt Halbe Zijlstra af te wijken van het advies van de Raad voor Cultuur. Die wilde de tien Nederlandse orkesten allemaal in de rijkscultuurbegroting laten, omdat aan de regionale orkesten vaak een hele muzikale infrastructuur bungelt. Zonder orkest geen dirigent voor de harmonie, geen docent voor de muziekschool. Zijlstra verweet de Raad de ‘kaasschaaf’ en wilde helderder keuzen.

Maar ook Zijlstra kiest niet echt. Hij reserveert geld voor zeven in plaats van tien orkesten, omdat die tien, wanneer „aanzienlijk gekort op het budget”, niet de nodige financiële ruimte behouden voor het goed uitvoeren van symfonisch repertoire. In tegenspraak daarmee laat hij een achterdeur open. Alle orkesten mogen „zelfstandig doorfunctioneren”, mits lokale overheden zodanig bijdragen dat orkesten „de symfonische taak volwaardig kunnen uitvoeren.”

Maar kunnen en willen provincies en gemeenten die verantwoordelijkheid op zich nemen? In het Oost-Nederland dreven Orkest van het Oosten (OvO) en het Gelders Orkest (GO) tot nu toe voor driekwart op rijkssubsidie; van overheid en gemeente kregen ze respectievelijk 4 en 3 ton. Als er straks één bedrag van 6 miljoen rijkssubsidie gedeeld moet worden, levert dat dus een gat op van 2,6 (OvO) tot 3,2 miljoen (GO).

Harm Mannak, directeur Orkest van het Oosten, werkt al langer aan een nieuw „verdienmodel”. Daarin zal het orkest toekunnen met de helft van de huidige subsidie, dus ongeveer drie miljoen. Er komt dan meer privaat geld uit financieringsvormen als micromecenaat, verhuur van ensembles uit het orkest, e-marketing, enzovoorts.

„Alleen redden we de invoer van dat nieuwe model niet per 2013”, zegt Mannak. Als de Tweede Kamer het advies van Zijlstra en de snelle invoering goedkeurt, moet „het plan versneld worden uitgevoerd – met hulp van gemeente en provincie.”

Maar de provincie Overijssel hoopt dat „er alsnog extra rijksgeld komt voor de orkesten”, aldus een woordvoerder. M. van Wessem (VVD), cultuurwethouder Arnhem: „Als landsdeel hechten we aan twee orkesten voor Enschede en Arnhem. Beide hebben businessplannen gemaakt voor dertig of meer procent eigen inkomsten. Maar dan nog houd je een gat. Arnhem kan dat niet oplossen: daarvoor zijn de bedragen te groot.”

Cultuurwethouder Marijke van Hees (PvdA) van Enschede: ,,Zijlstra gooit een hengel uit, maar we happen niet. De verdeling van orkestsubsidies is in Zijlstra’s plan uit balans: in Noord en West verandert er vrijwel niets, Oost en Zuid worden met de helft gekort. Op basis van die onevenredigheid richten we onze pijlen eerst op de Tweede Kamer.”

De orkesten in het Oosten denken wel al na over samenwerking. In educatieve projecten, en in uitwisseling van musici. Mannak: „Voor groot repertoire huren we nu extra musici in, door onderling afstemmen van de programmering kun je dat voorkomen.” Klinkt straks in Arnhem Mahler? Dan met extra musici uit Enschede; en daar speelt het orkest in kleine bezetting dan een Mozart-symfonie.

In Zuid-Nederland is de situatie vergelijkbaar met die in het Oosten. Het Brabants Orkest (BO) en Limburgs Symfonie Orkest (LSO) willen blijven bestaan, en moeten rekenen op 2 (LSO) en 3 (BO) miljoen minder. Het LSO wil samenwerking met Opera Zuid en Brabants Orkest, maar concreet zijn de plannen niet. Arthur van Dijk, directeur Brabants Orkest: „Wij willen pas praten als we onze eigen voorkeursoptie hebben verwoord. Wij bespreken de plannen vandaag met bestuur en provincie.”

B. van Haaften, gedeputeerde van Brabant: „Regionale orkesten waren altijd een rijkstaak. Als die verdeling moet veranderen, willen we eerst met Zijlstra aan tafel. Hij kan niet zomaar zeggen: als jullie de orkesten belangrijk vinden, moet je zelf geld zoeken. Ik zou niet weten waar! Ons budget is net gehalveerd.”

In de regio West rest straks ook zes miljoen rijkssubsidie voor de orkesten, maar dat is ‘slechts’ 1,5 miljoen minder dan voorheen: orkesten in Rotterdam en Den Haag zijn van oudsher stadsorkesten, nu voor ruim tweederde betaald door de gemeente. Er wordt wel gesproken over meer samenwerking, ook op gemeenteniveau. De Haagse wethouder M. de Jong (D66, Cultuur): „Luchtballonetjes, hoor. Tot nu toe zijn het geen echte afspraken.”