Geen frikadellen meer

„Hoe is het met je dochter?” vraag ik. Ze is net terug uit het ziekenhuis na een ernstige buikgriep. Ik had in de ontslagbrief van de kinderarts gelezen dat zij zich zorgen maakt om het forse overgewicht van het tweejarige meisje en haar onder controle wil houden. „Goed”, antwoordt hij. „Ze lust alleen geen frikadellen

„Hoe is het met je dochter?” vraag ik.

Ze is net terug uit het ziekenhuis na een ernstige buikgriep. Ik had in de ontslagbrief van de kinderarts gelezen dat zij zich zorgen maakt om het forse overgewicht van het tweejarige meisje en haar onder controle wil houden.

„Goed”, antwoordt hij. „Ze lust alleen geen frikadellen meer. Ze denkt dat ze daarvan ziek is geworden.”

Ik knik begripvol en probeer mijn vreugde over dat nieuws te verbergen.

„Ze eet nu alleen nog maar rauw gehakt”, gaat hij verder. „Als ik haar niet tegenhou dan kan ze zo een halve kilo op!” Ik knik rustig door, maar ik vrees dat de teleurstelling duidelijk van mijn gezicht is af te lezen.

T. Boorsma