De Zierikzee oogst zestien migranten

Nederlandse marine helpt Spanje met het weren van migranten over zee. Een christelijke officier worstelt ermee. „Bijna jammer dat we onze grenzen zo bewaken.”

Enkele dagen terug sloegen de golven van de Middellandse Zee nog over de voorsteven van de mijnenjager Hare Majesteits Zierikzee, maar deze junidag is de zeegang voor de kust van Almería kalm. Op de voorbrug van het oorlogsschip turen zeelieden op een radarscherm naar een verzameling pulserende stipjes. Anderen speuren met verrekijkers de kim af.

Het is vooral op kalme dagen als deze dat de Nederlanders extra alert moeten zijn. Juist dan vertrekken van de kust van Marokko en Algerije bootjes met migranten naar Spanje. Het is aan de marine die zo snel mogelijk in de gaten te krijgen. „We surveilleren, detecteren en identificeren, en uitsluitend op volle zee. We willen niet met de migranten in contact komen. De afspraak met Spanje is dat we dat overlaten aan de Guardia Civil”, zegt kapitein-luitenant-ter-zee Peter Bergen Henegouwen.

Tot een paar jaar terug waren de dramatische beelden van vissersbootjes vol Afrikanen die de oversteek naar Spanje maakten, vast deel van het zomernieuws. Nog steeds proberen migranten over zee Europa binnen te komen, maar de beelden komen zelden nog uit Spanje. Het aantal onderschepte bootmigranten in Spanje is afgenomen, van 39.180 in piekjaar 2006 tot 3.632 vorig jaar.

Het is het gevolg van een combinatie van maatregelen. De populairste route naar de Canarische Eilanden werd afgesneden via akkoorden met landen in Noord- en West-Afrika. Onder meer Marokko, Senegal en Mauretanië kregen materiële en financiële steun voor meer kustbewaking. Afrikaanse landen gingen onderschepte ingezetenen opnemen. Hoe belangrijk zulke samenwerking is, bleek toen de onrust in Tunesië en Libië deze lente de kustbewaking daar verzwakte. Italië kreeg duizenden bootmigranten te verwerken.

Spanje ging ook zelf intensiever opsporen, met hulp van Frontex. Dit in 2004 opgerichte EU-agentschap moet de bewaking van Europa’s buitengrenzen beter coördineren. De Nederlandse marine neemt sinds deze maand met 170 zeelieden deel aan Frontex-operatie Indalo. Zij zijn verdeeld over twee mijnenjagers, waaronder de Zierikzee, en een torpedowerkschip. Op patrouille ontdekten ze in hun eerste weken twee bootjes, met zestien migranten. Ze bleven de bootjes op een afstand volgen. Het is de Guardia Civil die de bootjes onderschept. De meeste migranten worden teruggestuurd.

Spanje heeft de migratieroutes weten om te leggen naar andere landen. Bergen Henegouwen: „Onze intel [inlichtingen, red.] wijst uit dat het populairder wordt om een goedkope chartervlucht te pakken richting Turkije en vanaf daar met een boot richting de EU te reizen.”

Toch landden vorig jaar nog bootjes uit Algerije op Mallorca. Migranten blijken bereid steeds grotere risico’s te nemen. En mensensmokkel blijft ondanks – of juist dankzij – de opgevoerde grensbewaking lucratief. Persoonlijk heeft Bergen Henegouwen het wel eens lastig met zijn opdracht. „Als deze mensen zo wanhopig zijn om huis en haard te verlaten, het hele dorp inzamelt voor hun vertrek, dan vind ik het uit christelijk oogpunt bijna jammer dat we onze grenzen zo streng bewaken.”