3. Obligaties oprekken

Een andere optie is om banken zover te krijgen dat ze vrijwillig accepteren dat de looptijd van Griekse staatsobligaties met zeven jaar wordt verlengd. Volgens het Griekse ministerie van Financiën loopt 56 procent van de financiering van de Griekse schuld (350 miljard euro) binnen nu en vijf jaar af. Als banken bereid zijn vrijwillig de obligaties langer aan te houden verlaagt dit de druk op de Grieken om financiering te zoeken voor de schuld. Dat klinkt goed, maar is uiterst ingewikkeld. Cruciaal is dat de indruk niet mag ontstaan dat banken eigenlijk gedwongen worden de looptijden te verlengen. Als er wel sprake is van dwang kunnen de gevolgen net zo desastreus zijn als bij een wanordelijk faillissement van Griekenland. Het idee is dat als er dwang achterzit Griekenland de leningen dan niet kan terugbetalen en dus failliet is. Vergelijk het met een huisbaas en een huurder. De twee hebben een contract. Maar als de huisbaas in een barmhartige kerststemming is en zegt dat er geen huur in december betaald hoeft te worden is dat geen enkel probleem. De huurder kan dit echter niet op eigen houtje beslissen. De gevolgen zouden zijn dat Griekse obligaties in waarde kelderen en dat kredietverzekeringen moeten uitbetalen. Dit is een panieksituatie die politici en centrale bankiers willen voorkomen. De keerzijde is dat het banken vrij staat vrijblijvende afspraken straal te negeren. In plaats van de staatsobligaties langer vast te houden zal er druk zijn ze te dumpen. De eerste bank die de afspraken schendt zal nog het meeste geld vangen. Een klassiek geval van het prisoners dilemma.