Vernieuwing wordt bekroond op Broadway

Hoog bezoek heeft Joop van den Ende wel vaker gehad. Hoger bezoek dan koningin Beatrix, die bijvoorbeeld naar de première van zijn Ciske de musical kwam, bestaat in Nederland niet. Maar de Amerikaanse president Obama is natuurlijk van een andere orde. En hij is volgende donderdag eregast bij Sister Act, de door Van den Ende geproduceerde musical op Broadway.

Obama komt naar het Broadway Theatre op uitnodiging van de actrice Whoopi Goldberg, wier succesvolle filmkomedie uit 1992 de basis vormt van de musical. Zij staat te boek als medeproducente – niet omdat ze heeft meebetaald aan de investering van 13 miljoen dollar die de productie tot dusver heeft gevergd (want dat heeft ze niet), maar omdat Van den Ende in haar het ideale uithangbord voor de show zag. En terecht: ze heeft, mede in haar dagelijkse tv-show, al heel veel publiciteit voor de voorstelling gemaakt. Het eveneens door haar gelegde contact met het echtpaar Obama is daarvan de apotheose.

Sister Act wordt die avond ingeschakeld in de fondsenwerving voor Obama's herverkiezingscampagne. Eenmalig kosten de kaartjes 250 tot zelfs 10.000 dollar – alles voor de campagnepot. Na afloop houdt de president een toespraakje tot het publiek, waarna de hoogste betalers ook nog op de foto met hem kunnen.

Het was allemaal nog mooier geweest als de productie dit weekeinde tevens had kunnen meedelen in de Tony Awards, de belangrijkste theaterprijzen van Broadway. Maar dat zat er niet in: niet één van de vijf nominaties (onder meer voor beste musical, beste tekst en beste muziek) werd verzilverd. Alle grote prijzen gingen naar The Book of Mormon, het verrassende musicaldebuut van de makers van de satirische televisieserie South Park, waarin twee mormonen naar Oeganda worden uitgestuurd om daar een hopeloze situatie aan te treffen: aids, armoede en stammenstrijd. In werkelijkheid lijkt Afrika immers maar weinig op het beeld dat in een andere Broadway-show oprijst, zo wordt de wereldvreemde zendelingen voor de voeten geworpen: „Tja, in The Lion King zijn nogal wat artistieke vrijheden genomen”.

Zo lijkt The Book of Mormon geheel te passen in de lijn van de laatste jaren, waarin de Tony Awards met gulle hand worden toegekend aan musicals die vooral iets origineels te bieden hebben. Zie de prijzenregen die in eerdere jaren bestemd was voor de musicalversies van The Producers (door Mel Brooks) en Spamalot (naar Monty Python). Ook dat zijn shows die niet op de grootste gemene deler van het lucratieve familie-amusement mikken, maar die het genre nieuw elan geven. Satirisch, ironisch, met veel zelfspot. En wars van het al te veilige vermaak dat langzamerhand synoniem voor de reguliere musical was geworden.

The Book of Mormon zal niet gauw naar Nederland komen. Veel te Amerikaans. Wat moeten we hier met mormonen? Maar het is wel te hopen dat ook de Nederlandse musicalmakers meer ruimte voor vernieuwing krijgen. Als dat zelfs op Broadway – het commercieelste theater van de hele wereld – met open armen wordt ontvangen, moet het hier zéker lukken.