'Nederland baart de VN grote zorgen'

Milieuproblemen verstoren de economische groei in de wereld allang. En Nederland haakt af om dat tegen te gaan, klaagt VN-milieudiplomaat Achim Steiner.

Achim Steiner, het hoofd van het Milieuprogramma van de Verenigde Naties (UNEP) maakt zich zorgen over Nederland. Hij constateert dat Den Haag op internationaal gebied in zijn schulp kruipt, zich steeds verder terugtrekt. Hij is vandaag speciaal in Nederland om dat te bespreken. In het parlement, met topfiguren uit het zakenleven en bij kroonprins Willem-Alexander.

„Er bestaat nu scepsis in Nederland over een multilaterale aanpak”, zegt hij voorafgaand aan zijn bezoek aan Den Haag, in een gesprek in de Keniaanse hoofdstad Nairobi, waar het hoofdkantoor van UNEP staat.

„Nederland was één van de tien landen in de wereld met een voortrekkersrol in de strijd tegen klimaatverandering. Het baart ons bij UNEP, en binnen het hele VN-apparaat, grote zorgen dat Nederland op politiek terrein zijn handen aftrekt van die internationale rol.”

Het gaat Steiner ook om geld. Zijn organisatie is klein, te klein vindt hij, en heeft een beperkt budget. „De Nederlandse bijdrage ligt ergens rond de tien miljoen euro. Dat was toch al niet zo veel voor een organisatie die er voor de hele wereld is. Maar het gaat nu misschien naar beneden, tot acht miljoen.” Het ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag bevestigt deze cijfers.

Naast zijn lobbywerk in het parlement zal Steiner aankloppen bij ondernemers. „Onder grote ondernemers bestaat steeds meer belangstelling voor ons werk en Nederland is het thuisland van talrijke multinationals. Zij willen weten wat klimaatverandering doet met de kansen en de risico’s van hun investeringen.” Naar de kroonprins gaat Steiner ook, omdat prins Willem-Alexander volgens hem „een groots symbool voor een multilaterale aanpak” is. „Hij is een geweldige ambassadeur voor Nederland door zijn werk voor de waterhuishouding in de wereld.”

Politici zouden moediger moeten zijn, vindt Steiner. „Sommigen vervullen een leidersrol, zoals Mandela en Lula”, zegt hij. En met een verwijzing naar Nederland: „anderen laten zich louter leiden door gevoelens onder de bevolking”.

Op wereldniveau komen politici niet tot afspraken, over onder meer de uitstoot van CO2, een broeikasgas dat verantwoordelijk wordt gehouden voor de opwarming van de aarde. „Zeker, als er geen adequaat antwoord komt op de uitstoot van CO2, moet UNEP een grotere politieke rol krijgen. Iemand moet hard op tafel slaan dat het zo niet langer kan.”

UNEP is het onderbedeelde kindje binnen de talrijke VN-organisaties, in belangrijke mate bezig met wetenschappelijk onderzoek en assistentie bij het opstellen van internationale verdragen. „Dat we ongeveer 40 jaar geleden werden opgericht en dat we nog steeds worstelen met het opzetten van een deelgenootschap bij de bestrijding van klimaatverandering, toont de noodzaak van een sterk internationaal milieubestuur. UNEP kreeg wel de verantwoordelijkheid, maar werd onvoldoende uitgerust om machtig te worden”.

De Franse president Jacques Chirac, gesteund door de EU, pleitte in 2007 voor een grotere politieke rol van UNEP. Maar China en Amerika, en een aantal andere grote landen, voelden daar niets voor.

Het breekpunt in het milieu is allang bereikt, vindt Steiner. „De negatieve effecten op het milieu beginnen een honderd jaar lange economische vooruitgang en groei te destabiliseren. Droogte in Australië leidt tot voedseltekorten in Latijns Amerika en Egypte. Beschadiging van koraalriffen treft de visindustrie. Rivieren in de wildparken van Kenia drogen op, de wilde beesten gaan dood en de toeristen blijven weg.”

Misschien is het beter ons maar te concentreren op aanpassing aan klimaatverandering, als het niet lukt om internationale afspraken te maken over de bestrijding van de oorzaken. „Dat zou een tragische ommezwaai betekenen. Het is een bedrieglijk idee dat je het opwarmen van de aarde moet accepteren in de veronderstelling dat de wereld zich kan aanpassen. De wereldeconomie wordt steeds instabieler door klimaatverandering. Om alleen de gevolgen te bestrijden is een uiterst gevaarlijk voorstel.”

Afrika trekt zichzelf na een lange periode van neergang sinds enkele jaren omhoog uit de sociale en economische ellende. Ook die vooruitgang komt in gevaar. „In Afrika gaat klimaatverandering over overleven. De rijke landen met hun moderne economieën kunnen de problemen tijdelijk afkopen. Maar in Afrika betekent één mislukte oogst het verschil tussen leven en dood. En klimaatverandering kan tot conflicten leiden. Veiligheids- en militaire experts in Afrika maken zich daar zorgen over. Neem de Nijl. Als er minder water door stroomt, heeft dat gevolgen voor alle staten langs de rivier. Klimaatverandering bedreigt de veiligheid in heel de wereld”.