Geen plaats voor Sneeuwwitje

In Fort Asperen maakte het kunstenaarsduo Bik van der Pol een rijke en enerverende groepsexpositie over het verdedigen van grenzen.

Vergeefs probeert Sneeuwwitje Disneyland binnen te komen. Daar staat ze bij de kassa’s, het evenbeeld van Disney’s Snow White, omstuwd door kinderen die met haar op de foto willen. „Is she for real?”, vragen ze steeds. Er ontstaat een hilarisch gesprek tussen Sneeuwwitje, dat wil zeggen de jonge Finse kunstenaar Pilvi Takala, en de beveiligers die haar proberen uit te leggen waarom ze niet naar binnen mag. Ze zeggen: „Volwassenen mogen niet verkleed naar binnen” en „De mensen zullen denken dat je de echte Sneeuwwitje bent.” Hierop antwoordt Takala: „Daar had ik niet aan gedacht. Ik dacht de echte Sneeuwwitje een tekening was.” In Takala’s videowerk The Real Snow White komen copyright, het onderscheid tussen echt en niet-echt, het verschil tussen zich kleden en verkleden, op een even geestige als scherpe manier aan de orde.

„Kunstenaars geven vorm aan ideeën en visies op de wereld, waardoor een als realiteit aanvaard beeld kan kantelen”, schrijft het Rotterdamse kunstenaarsduo Bik Van der Pol bij de tentoonstelling die ze hebben gemaakt in Kunstfort Asperen. Het is de bedoeling dat hun tentoonstelling, getiteld Too late, too little, (and how) to fail gracefully, zo’n kanteling mogelijk maakt – bepaald geen geringe ambitie.

Liesbeth Bik en Jos van der Pol werken sinds 1994 samen en zijn internationaal bekend geworden als kunstenaarbemiddelaars. Ze ontwerpen samen met andere kunstenaars, architecten, vormgevers en denkers installaties die ingaan op de geschiedenis en de aard van de plek waarvoor de installatie of tentoonstelling wordt gemaakt. Too late, too little, (and how) to fail gracefully is zodoende geïnspireerd door de geschiedenis van Fort Asperen.

Een belangrijk uitgangspunt bij het ontwikkelen van het concept was Eurotopia, dat in 1992 bedacht is door Freddy Heineken met de hulp van historici en andere wetenschappers en als kunstwerk in de tentoonstelling opgenomen. Het is een voorstel om Europa om te vormen tot een federatie van een groot aantal mini-staatjes. Volgens Heineken was de ongelijkheid tussen de verschillende lidstaten het belangrijkste obstakel om te komen tot een succesvolle democratische unie. De criteria voor zo’n staatje zijn: een aantal van tussen de vijf en tien miljoen inwoners, een geworteld zijn in een eigen geschiedenis, en een bevolking die min of meer cultureel en etnisch homogeen is.

Zo kwam Heineken uit bij een Europese landkaart met 75 staatjes. Italië wordt opgedeeld in een flink aantal staten, het Zwitserse Bern wordt de Europese hoofdstad, in Frankrijk krijgt de Franche Comté, uitgebreid met de Elzas, grotendeels zijn historische onafhankelijkheid terug, Finland blijft ongeveer wat het nu is, Nederland valt in twee staten uiteen, te weten de Randstad inclusief Utrecht, en een staat geheten Ysselland. Gezien ons tegenwoordige stemgedrag is deze Nederlandse tweedeling zo gek nog niet. Heineken heeft een vooruitziende blik gehad want zijn Eurotopia speelt in op nationale en regionale sentimenten die sinds 1992 alleen maar zijn toegenomen. Het veroorzaakte destijds een controverse en zet ook nu weer het denken over Fort Europa op scherp. Eurotopia is misschien utopisch maar heeft tegelijkertijd als ‘kunstwerk’ een kritisch-ironische lading. Hiermee zet het de toon van de tentoonstelling.

Fort Asperen is deel van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, een negentiende-eeuws verdedigingsstelsel gebouwd onder Frans bestuur. Pas in april 1940 werd het voor het eerst daadwerkelijk oorlogsgereed gemaakt, maar toen bleek het als verdedigingswerk volstrekt achterhaald te zijn. De linie werd moeiteloos door de Duitsers overgestoken. De militaire geschiedenis van het fort en het falen ervan, riep bij Bik Van der Pol de vraag op in hoeverre het mogelijk en, afgezien van een oorlogssituatie, wenselijk is voor een samenleving om ‘indringers’ buiten de deur te houden. Koert Debeuf, kabinetschef van de voorzitter van de liberale fractie in het Europees Parlement, benoemt in een essay de toenemende behoefte in Europa aan een terugkeer naar nationale grenzen als ‘borderline complex’. Want borderline, schijft Debeuf, duidt volgens de officiële omschrijving op „een laag gevoel van eigenwaarde en een sterke neiging tot extreme (voor)oordelen”. Dit syndroom lijkt erg op het gedrag van burgers en politici in veel Europese landen, aldus Debeuf, en leidt niet alleen tot zelfbeschadigend gedrag maar ook tot beschadiging van de hele samenleving en zelfs van heel Europa.

Op allerlei manieren, soms ernstig, soms lichtvoetig, komt deze thematiek in de tentoonstelling aan de orde. Als leidraad in het geheel zijn de begrippen Trojan Horses, early warning systems, rookgordijnen en camouflage, infiltrant en campagne gebruikt, allemaal militaire termen die ook gebruikt worden in het dagelijks leven. Zo probeert een namaak Sneeuwwitje te infiltreren in Disneyland.

Ook de Duitse filmmaker Harun Farocki houdt zich bezig met echt en onecht, maar op een heel andere manier. Zijn Serious Games-serie toont hoe Amerikaanse militairen door middel van games en virtual reality getraind worden voor militaire missies. Farocki demonstreert hoe de echte en de virtuele wereld van elkaar verschillen en op elkaar botsen, maar ook hoe die botsing in de werkelijkheid concrete gevolgen heeft.

Jeroen Jongeleen had een tijdje een bijbaantje in Museum Boijmans en maakte van de gelegenheid gebruik om ingrepen te doen in exposities, bijvoorbeeld door werk van hemzelf er tussen te hangen, of door in personeelsruimtes een eigen museum te maken.

Tijdens de opening vond rond de schacht in het midden van het fort de Blackmarket for Useful Knowledge and Non-Knowledge plaats, een evenement van de Duitse Hannah Hurtzig. Bezoekers konden zich inschrijven voor een gesprek met een expert, om kennis op te doen over een bepaald onderwerp. Het verbindende thema van alle gesprekken was verdediging, afscherming en infiltratie. Zo was er een expert op het gebied van de bestrijding van muskusratten, van gevaarlijke bacteriën, criminaliteit in flatgebouwen, enzovoort. De gesprekken, die gevoerd werden aan kleine tafeltjes, konden via koptelefoons door het overige publiek op een tribune rondom worden gevolgd.

De tentoonstelling van Bik Van der Pol is een complex weefsel van vluchtige kunstwerken, van ingrepen, performances en kleine gebeurtenissen die op elkaar inwerken, elkaar versterken, elkaar becommentariëren. Met eenvoudige middelen worden grote vraagstukken aan de kaak gesteld.

Een juweel is een bescheiden videowerkje van Navid Nuur. Het laat zien hoe een kip niet een op de grond getrokken krijtstreep durft over te steken en het gaat tegelijk op een speelse manier in op de geschiedenis van de conceptuele kunst.

Het eigenlijke kunstwerk is in feite het samenspel, de gemeenschappelijke onderneming. Too late, too little, (and how) to fail gracefully is een rijk gelaagde tentoonstelling die gaat over de noodzaak van samenwerking, van zelfstandig nadenken, van het kritisch analyseren van machtsstructuren. Het optimisme, de inventiviteit, de grote denkkracht van de kunstenaars maken blij en geven energie.

Bik Van der Pol: Too late, too little, (and how) to fail gracefully. T/m 25 sept in Kunstfort Asperen, Langendijk 60, Acquoy. Inl: www.kunstfortasperen.nl.