Eenhoorn

We moeten van Marianne Vermeijden (Boeken, 28-05-11) aannemen dat Willem Gerritsen nergens, wat de eenhoorn betreft, aan is voorbij gegaan. Daarbij heeft Gerritsen ingekookt geschreven. Misschien ligt het daaraan dat een niet oninteressant aspect van de eenhoorn wat onderbelicht is gebleven. Ik doel op de kaarsenkroon in de Walburgiskerk in Zutphen. Gerritsen volstaat er mee op te merken dat men daar een zittende vrouw ziet die met haar linkerhand het hoofd van een op haar schoot knielende eenhoorn aanraakt, terwijl een jager zijn speer op het dier richt. Je moet wel concluderen dat de man die kaarsenkroon nooit gezien heeft. De kaarsenkroon heeft twaalf zijden; Gerritsen beschrijft de afbeelding op een van de zijden. Bijna alle zijden bevatten een afbeelding van een eenhoorn, in een geval zelfs twee en slechts in vier gevallen met een zittende vrouw. In feite hebben we hier het oudst bekende stripverhaal.

Jan Frings, Zutphen