Beetje martelen is geen probleem

Alle ingrediënten voor een cynische en spannende thriller zijn aanwezig.

Alles in de vertelling stuurt erop aan om de toeschouwer uit zijn tent te lokken.

Wraak, woede, schuld, machteloosheid, rechtvaardigheidsgevoel: er zijn veel redenen waarom ex-soldaat Fergus inscheept op de reis die hij in Route Irish zal volbrengen. ‘Route Irish’ is de naam van wat wel de ‘gevaarlijkste weg ter wereld’ heet. Hij loopt van het vliegveld van Bagdad naar de ‘groene zone’ in het stadscentrum en is genoemd naar het footballteam van de Amerikaanse Universiteit van Notre Dame in Indiana, de ‘Fighting Irish’.

Het is een veelvoorkomende gewoonte van militairen om toevoerroutes naar sportclubs te vernoemen. Maar Fergus’ ‘Route Irish’ is vooral een louteringsweg, die begint op het moment dat hij terugkeert in Liverpool voor de begrafenis van zijn jeugdvriend en bloedbroeder Frankie. Hij verruilde net als Frankie het leger voor een van de vele particuliere beveiligingsbedrijven die ertoe hebben bijgedragen dat de oorlogen en crisisoperaties in Irak en Afghanistan in ondernemingen met een winstoogmerk zijn veranderd. Die politieke insteek is natuurlijk precies de reden waarom het duo Ken Loach (regie) en Paul Laverty (zijn vaste scenarioschrijver) in deze thematiek geïnteresseerd raakte. Hun zorg is sinds jaar en dag de langzame afbraak van sociaal-democratische waarden en de manier waarop regeringen hun verantwoordelijkheden verkwanselen aan de hoogst biedende marktpartij.

In dat licht bezien is Fergus een interessant personage. Hij heeft al snel in de gaten dat er iets niet in orde is rond de dood van zijn vriend. Er was een dubieuze schietpartij. Er is een filmpje op een mobiele telefoon. Kortom: alle ingrediënten voor een even cynische als spannende politieke thriller.

Bovendien kent Fergus de mores ter plaatse als geen ander.

Belangrijk om te weten is bovendien dat de film zich afspeelt in 2007, toen huursoldaten in Irak nog immuniteit genoten van het zogeheten ‘order 17’: particuliere militaire uitvoerders vielen niet onder de Iraakse wet. Na het Blackwater-schandaal, toen het Amerikaanse beveiligingsbedrijf in opspraak raakte doordat het betrokken was bij de dood van elf Iraakse burgers, is die order ingetrokken. Fergus noemt zichzelf en zijn collega’s onomwonden huurmoordenaars die hebben geleerd het recht in eigen hand te nemen.

Door zijn zoektocht naar de waarheid rondom Frankie’s dood komt hij niet alleen oog in oog te staan met geboefte van het ouderwetse soort: sjieke Britse renbaanpenose die nu zijn heil in militaire corruptie heeft gezocht, maar vooral met zijn eigen geweten. Wie is Fergus geworden terwijl hij zijn diensten aan de hoogste bieder verkocht? Zoals gewoonlijk zijn de films van Loach en Laverty zowel genuanceerd als kort door de bocht. Duidelijk is dat zij geëngageerde cinema willen maken. Het publiek moet aan het denken worden gezet, en alles in hun vertelling stuurt erop aan om de toeschouwer uit zijn tent te lokken. Knap is elke keer weer hoe zij hun hoofdpersonen daarbij niet sparen. Er zijn in hun films wel schurken, maar geen helden. Fergus is de weg in het gewone rechtssysteem allang kwijtgeraakt. Als hij heeft geleerd dat martelen een effectieve methode is om aan informatie te komen, dan zal hij niet terugdeinzen voor een potje waterboarden. Loach en Laverty dirigeren de toeschouwer nog een stukje verder dan brute eigenrichting. Hoezeer zij de westerse regeringen ook willen aanklagen voor de oorlogen in Irak en Afghanistan, het gaat hun om de menselijke vraag. Is de grimmige oplossing die Fergus kiest een wanhoopsdaad, een vergeldingsactie of de enige keuze die iemand die is getraind om zijn geweten uit de schakelen nog heeft?

Route Irish

Regie: Ken Loach. Met: Mark Womack, Andrea Lowe, John Bishop. In: 4 bioscopen. ****